Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

voorschieten - (voor een ander betalen (in afwachting van terugbetaling))

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

voorschieten ww. ‘voor een ander betalen (in afwachting van terugbetaling)’
Mnl. verschieten ‘(een verplichte geldelijke bijdrage) vooruitbetalen’ in dat hi van sinen goede van buten. niet en verscieten zal ‘dat hij van zijn bezit van buiten de stad nog geen belasting hoeft te betalen’ [1287; VMNW]; vnnl. gelt verschieten ‘geld vooruitbetalen’ [1573; Thes.], veur-schieten ‘id.’ [1599; Kil.], voorschieten ‘id.’ in voorgeschotene penningen ‘voorgeschoten geld’ [1651; iWNT].
Afleiding met het voorvoegsel → ver- van → schieten in de betekenis ‘bijdragen, een betaling verrichten, een belasting voldoen’, later met substitutie van het voorvoegsel door → voor 1, dat klemtoon draagt en het betekenisaspect ‘vooruit-betalen’ beter benadrukt.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

voorskiet ww.
Geld leen.
Uit Ndl. voorschiet (1548), wsk. so genoem omdat die persoon wat die lening aangaan, skiet gegee word deur die vooruitbetaalde geld.
D. vorschießen.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal