Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

verduren - (dulden)

Etymologische (standaard)werken

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

verduren ww., reeds mnl. Zie duren.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

verduren o.w., van duren; cf. Fr. endurer van durer en ons volharden.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

F. Debrabandere (2007), Zeeuws etymologisch woordenboek: de herkomst van de Zeeuwse woorden, Amsterdam

verduren ww.: medelijden hebben met, te doen hebben met, beklagen; ontzien; ergens tegen opzien. Het WNT leidt deze betekenis ten onrechte af van de betekenissen ‘uithouden, verdragen, duurzaam blijven’ van verduren. Dit Zeeuwse verduren heeft met het Ndl. verduren niets uit te staan. Het beantwoordt wel aan D. dauern ‘meelij hebben met’, bedauern ‘betreuren, beklagen, meelij hebben met’. Het heeft niets te maken met duur ‘tijdsduur’, wel met duur ‘tegen hoge prijs’. Vandaar de oorspronkelijke bet. van (ver)duren ‘iets te duur, te kostbaar vinden’, vandaar ‘iets pijnlijk vinden’, ‘het jammer vinden, betreuren, beklagen’, ‘meelij hebben’. D. dauern gaat terug op Mhd. tûren, Mnd. dûren, ablautend bij Mhd. tiuri, D. teuer. Afl. verduurnisse ‘meelij’.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal