Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

tevreden - (voldaan, content)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

tevreden bn. ‘voldaan, content’
Mnl. te vreden ‘rustig, vredig, kalm gestemd’ in dat hi de nonnen setdte the vreden ‘dat hij de nonnen geruststelde’ [1276-1300; VMNW], Doe dauid sat in sire tale (lees sale). Te vreden vtermaten wale ‘toen (koning) David in alle vrede in zijn paleis verbleef’ [1285; VMNW huus II], te vreden, tevreden ‘in zijn schik, voldaan, ingenomen’ in so warwi alle te vreden ‘dan zouden we allemaal voldaan zijn’ [1290-1310; MNW-P], Ic en was nie soo wel te vreden, als dat icken jeghen u cochte om gelt ‘ik was nooit zo in mijn schik als toen ik hem met geld van u kocht’ [ca. 1410; MNW], des is men tevreden ‘daarmee is men in zijn schik’ [ca.1450; MNW].
Gevormd uit → te 1 ‘in, met, bij e.d.’ en de datief van → vrede in de betekenis ‘gemoedsrust, welzijn’. Vergelijkbaar met Duits zufrieden en Zweeds tillfreds.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

tevreden bnw., mnl. te vrēde(n), mnd. tovrēde(n), nhd. zufrieden. Gelijksoortige formaties zijn mnl. met, in vrēde(n), mnd. mit, in vrēde(n), mhd. mit vride. Men moet uitgaan van een praedicatief gebruik in uitdrukkingen als te vreden stellen, te vreden zijn.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

tevreden bnw., mnl. te vrēde(n). = mnd. tovrēde(n) (tovrēdich), nhd. zufrieden “tevreden”. Eerst alleen bijw. resp. predicatief bnw. Vgl. mnl. met, in vrēde(n), mnd. mit, in vrēde(n), mhd. mit vride “tevreden”. De -n wordt als dat.-mv.-uitgang of als zwakke enk.-uitgang opgevat.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

tevreden bijw., + Hgd. zufrieden: met den datief van vrede; vergel. ontevreden.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

F. Aarts (2017), Etymologisch Dictionairke vaan ’t Mestreechs, Maastricht

tevreie (bn.) tevreden; Middelnederlands te vreden <1276-1300>.

Thematische woordenboeken

T. Pluim (1911), Keur van Nederlandsche woordafleidingen, Purmerend

Tevreden, staat voor: te vreden = in, met vrede.

W. de Vreese (1899), Gallicismen in het Zuidnederlandsch, Gent

[verkeerd gebruik van een voorzetsel o.i.v. het Frans]
tevreden. - Naar fr. content de -, in het Nederlandsch tevreden met iets en over iemand. In Vlaanderen zegt men in de volkstaal algemeen kontent van iemand en met iets; tevreden is een boekenwoord. || De patroon was van Frans uiterst tevreden, SLEECKX 14, 237. Waar inzonderheid dient voor gezorgd, … is, dat de jongens van hunnen meesterknecht tevreden zijn, 16, 9.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

tevreden ‘content, voldaan’ -> Deens tilfreds ‘content, voldaan’ (uit Nederlands of (Neder- of Hoog-)Duits); Zweeds tillfreds ‘content, voldaan’ (uit Nederlands of Nederduits); Negerhollands toevreden, tevreeden, tee vreeden ‘content, voldaan’; Sranantongo tefreide ‘content, voldaan’; Surinaams-Javaans tefréde ‘content, voldaan’ <via Sranantongo>.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal