Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

tas - (huwbaar meisje)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

tas2* [huwbaar meisje] {ca. 1600} hetzelfde woord als tas1 [buidel], maar obsceen gebruikt.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

tas 4 znw. v., ‘huwbaar meisje’, sedert begin der 17de eeuw ook tes(ch), tessche, vgl. nhd. tasche uit het obsceen gebruik van tas 2.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

tas II (vrouwspersoon). = tasch, overdr. gebruikt. Vgl. mhd. tasche v. “gemeen wijf”.

C.B. van Haeringen (1936), Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Supplement, Den Haag

tas II (vrouwspersoon), sedert begin 17e eeuw.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

tas 3 (vrouwspersoon), + Hgd. tasche: is hetz. woord als tasch; vergel. een dergelijke overdrachtelijke bet. bij doos.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal