Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

target - (omzetdoelstelling)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

target [omzetdoelstelling (in economie)] {na 1950} < engels target [schietschijf, doel] < me. frans targete [schildje] (frans targette [knip (aan deuren)]), van targe [schild], uit het frankisch.

Thematische woordenboeken

L. Koenen, R. Smits (1992), Peptalk, De Engelse woordenschat van het Nederlands

target [ta:hgut] {doel} nagestreefd doel, bijv. een te behalen maandomzet.

P.H. van Laer (1949), Vreemde woorden in de natuurkunde, Groningen/Batavia.

Target (Eng.; = schietschijf, mikpunt). Trefplaat; plaatje in Röntgenbuis of neutronengenerator, dat door een stralenbundel getroffen moet worden.

Dateringen of neologismen

F. Bakker, E. van Ruijsendaal, P. Uljé, D. van Zijderveld, Vindpunt.nl – elektronisch doorzoekbare Woordenlijst Overbodig Engels met Nederlandse tegenhangers, uitgebreide en verbeterde voortzetting van de boekuitgaven Funshoppen in het Nederlands (2009) en Op-en-Top Nederlands (2015)

target zn. Ontleend aan het Engels.
[alg.] = doelstelling, doel; doelgroep. Wie heeft er dit keer zijn doelen weer niet gehaald?
Met steeds meer prietpraatrubrieken richt mijn kwaliteitskrant zich op een nieuwe doelgroep.

[alg.] = herbegin, herstart. Na de coronacrisis moet de economie weer een herstart krijgen.
[alg.] = e-boek, digiboek. Nog altijd zie ik meer treinreizigers papieren boeken dan digiboeken lezen.

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

target omzetdoelstelling 1989 [Peptalk] <Engels

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal