Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

spark - (vonk)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

spark* [vonk] {spa(e)rke 1285} middelnederduits sparke, oudengels spearca, vgl. sparkelen [fonkelen] (vgl. sprankelen).

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

spark v., Mnl. sparke + Ags. spearca (Eng. spark): z. sprank.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

F. Debrabandere (2002), West-Vlaams etymologisch woordenboek: de herkomst van de West-Vlaamse woorden, Amsterdam

sparke, sperke, zn. v.: vonk, sprankel. Mnl. spa(e)rke ‘vonk’, Vroegnnl. spaerke viers ‘une estincelle’ (Lambrecht), sparcke, ghenstere ‘scintilla’ (Kiliaan). Mnd. sparke, Oe. spœrca, spearca, E. spark. Ww. E. to sparkle, Mnl. sparkelen ‘fonkelen, sprankelen’. Wellicht verwant met Lat. spargere ‘strooien, verspreiden’, Gr. spargê ‘spruit, uitspruitsel’, Lit. sprógti ‘uitbotten’. Afl. sparkelen, sparkelinge, sparken. Vgl. spaarzen.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

spark ‘(Vlaams) vonk’ -> Frans dialect † esparque ‘schittering, vonk’.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal