Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

software - (computerprogrammatuur)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

software zn. ‘computerprogrammatuur’
Nnl. software ‘computerprogrammatuur’ [1967; Van der Sijs 2001].
Ontleend aan Engels software ‘id.’ [1960; OED], gevormd naar analogie en als tegenhanger van hardware ‘computerapparatuur’ [1947; OED], zie → hardware. Het Engelse woord betekende oorspr. ‘bederfelijke waren’ en ‘wollen of katoenen stof’ [1851; OED] en is samengesteld uit soft ‘zacht’, zie → zacht, en ware ‘waren’, zie → waar 1 ‘handelsartikelen’.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

sagteware s.nw.
Programme en prosedure wat nodig is om 'n rekenaar te laat funksioneer.
Uit sagte en ware, as leenvertaling van Eng. software (1960).
Eng. software kom ook voor in Ndl. software.

Thematische woordenboeken

N. van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

software (Engels software)

L. Koenen, R. Smits (1992), Peptalk, De Engelse woordenschat van het Nederlands

software [softwe:uh] niet tastbare onderdelen van computersystemen: programmatuur.

Dateringen of neologismen

F. Bakker, E. van Ruijsendaal, P. Uljé, D. van Zijderveld, Vindpunt.nl – elektronisch doorzoekbare Woordenlijst Overbodig Engels met Nederlandse tegenhangers, uitgebreide en verbeterde voortzetting van de boekuitgaven Funshoppen in het Nederlands (2009) en Op-en-Top Nederlands (2015)

software zn. Ontleend aan het Engels.
[ict] = programmatuur. Programmatuur wordt regelmatig verbeterd.

Nicoline van der Sijs (2015-heden), Jaarwoordenzoeker ‘Een woord uit elk jaar 1800-heden’, zie ook bij Onze Taal

personal computer (pc) [huiscomputer] (1981). In 1981 brengt IT-bedrijf IBM de eerste personal computer op de markt: een kleine computer voor eigen gebruik. Tot die tijd worden computers, doorgaans grote en dure apparaten, bijna alleen door bedrijven gebruikt. De pc verovert vrij snel zowel de persoonlijke als de zakelijke markt en verandert de werkverdeling in de wereld grondig. Een groot aantal leenwoorden, vrijwel allemaal uit het Engels, zijn aan de pc te danken, zoals chip, deleten, formatteren, hacker, hardware, laptop, microprocessor, printer, resetten, server, software, systeemanalist, updaten, whizzkid. Een deel van de computerterminologie wordt na een tijdje vernederlandst, denk aan beeldscherm, dat monitor vervangen heeft, besturingssysteem voor operating system, harde schijf voor hard disk, muis voor mouse, tekstverwerker voor wordprocessor, toetsenbord voor keyboard en uitdraai voor print-out.

R. Schutz (2007), Brekend nieuws, Nijmegen

zachtwaar. Letterlijke vertaling van Engels software = programmatuur; En ctrl-k heb ik ook, global zelfs als het moet. Alle echte zachtwaar heeft dat, Jack - dat weet je toch?(1996); Eigenlijk wil ik wel langzaam maar zeker op Linux overstappen maar dat is zo'n gedoe, en bovendien is de meeste zachtwaar nu eenmaal voor windowssystemen; Ik heb alleen geen idee of dit soort zachtwaar wel zomaar te verkrijgen is... Iemand suggesties?

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

software computerprogramma's 1967 [Kruseman Aretz, Vallen en opstaan 16] <Engels

J. Posthumus (1986), A Description of a Corpus of Anglicisms, Groningen

software, ['sɔftʋɛ:r] Koenen 1974; Van Dale 1976 (in appendix of classical and foreign phrases and sayings). Compounds/derivations: software-systeem. Loanword from English software n.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal