Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

senior - (oudere, hoger geplaatste)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

senior zn. ‘oudere, hoger geplaatste’
Mnl. Die .xxiiij. seniore ‘de 24 oudsten’ [1265-70; VMNW]; vnnl. senior ‘de oudere’ in Petrus Hollebeek Senior [1682; Bedenkingen]; nnl. senior ‘iemand die ouder is, meer ervaring heeft’ als in de twee gelukkige seniores ‘de twee gelukkige volwassenen (hier: ouders)’ [1856; Gids, 2, 446], ‘meer ervaren sportman’ in 4-riemsgieken, seniores [1884; Leeuwarder Courant], ‘oudere’ ook buiten de sport als in seniores ‘kiezers boven de 50’ [1896; Leeuwarder Courant], later ook mv. senioren als in de afdeeling heeren (senioren) (bij gymnastiek) [1924; Leeuwarder Courant], senioren ‘ouden van dagen’ [1955; Leeuwarder Courant], een der senior-adviseurs ‘een der hoger geplaatste adviseurs’ [1971; Leeuwarder Courant].
Ontleend aan Latijn senior (bn.) ‘ouder’, (zn.) ‘oudere, iemand tussen de 45 en de 60’, de vergrotende trap van senex ‘oud’, zie → seniel en zie ook → heer 1. De seniores waren in het Romeinse Rijk ouderen met het hoogste aanzien, en senior werd later een beleefde aanspreekvorm voor een hoger geplaatst persoon en een synoniem voor dominus ‘heer’.
De toevoeging van senior achter een naam, om de betrokkene van een jongere verwant te onderscheiden, zie → junior, was al eerder in gebruik in het Engels [1287-88; BDE] en in het Duits [1582; Gregorius Walther Senior]. Het recentere gebruik om senior te gebruiken voor een ervaren sporter (niet in alle takken van sport op dezelfde manier) stamt vermoedelijk uit het Engels. Ook het gebruik als aanduiding van een hogere rang stamt uit het Engels [1513; OED]. In het laatste geval blijft ook de Engelse uitspraak vaak behouden.
Lit.: Bedenkingen (1682), Schriftuur- en rede-lijcke bedenkingen etc., 's-Gravenhage, B4V; M. Gregorius Walther Senior (1582), Auslegung der fünff Heuptstücke des heiligen Catechismi, Wittenberg

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

senior [de oudste, oudere (achter namen)] {1807; in de betekenis ‘ouderling, ouder’ 1265-1270} < latijn senior, vergrotende trap van senex (2e nv. senis) [oud (zn. oude man - boven de 45)] → junior. In modern managementjargon e.d. geleend < engels senior.

Thematische woordenboeken

N. van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

senior (Latijn senior of Engels senior)

C.A. Backer (1936), Verklarend woordenboek van wetenschappelijke plantennamen

sénior (-or, -us), - vergr. trap van Lat. senex (senis), oud: ouder, tamelijk oud, de oudste van twee.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

senior ‘de oudste, oudere (achter namen)’ -> Indonesisch sénior ‘de oudere, oudste’.

Dateringen of neologismen

F. Bakker, E. van Ruijsendaal, P. Uljé, D. van Zijderveld, Vindpunt.nl – elektronisch doorzoekbare Woordenlijst Overbodig Engels met Nederlandse tegenhangers, uitgebreide en verbeterde voortzetting van de boekuitgaven Funshoppen in het Nederlands (2009) en Op-en-Top Nederlands (2015)

senior bn. Ontleend aan het Engels.
[alg.] = ervaren, senior. In het Nederlands is een 'senior' een oudere, maar in Amerika is het een officiële titel voor een ervaren medewerker.

senior zn. Ontleend aan het Engels.
[alg.] = ervaren medewerker, eerste medewerker. Het is even wennen dat een 25-jarige al een ervaren medewerker wordt genoemd.

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

senior de oudste, oudere (achter namen) 1807 [WNT transitoir] <Latijn

senior 65-plusser 1992 [GVD] <Engels

J. Posthumus (1986), A Description of a Corpus of Anglicisms, Groningen

senior, only in compounds ['se:niɔr] van hogere rang: “A. van der Veen, 52 jaar, Senior-Loods te IJmuiden.” (121032). Compounds/derivations: senior-loods. Editorial comment: Apart from not having this meaning, Koenen 1940; Koenen 1974; Van Dale 1976 also only give word class ‘n’. Semantic loan from English senior adj.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal