Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

scrupule - (gewetensbezwaar)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

scrupule zn. ‘gewetensbezwaar’
Vnnl. scrupule ‘gewetensbezwaar’ in het welcke Meester Gentianus noemt een fastidieus scrupule te wesen ‘waarvan meester G. zegt dat het een vervelend gewetensbezwaar is’ [1569; WNT brok], zonder scrupule in doch nyet sonder scrupule [1619; WNT Supp. attestatie].
Ontleend aan Frans scrupule ‘gewetensbezwaar’ [1375; Rey], zelf ontleend aan Latijn scrūpulus ‘klein puntig steentje’, figuurlijk ‘bezwaar, bezorgdheid’, verkleinwoord van scrūpus ‘puntige steen; bezorgdheid’, verdere herkomst onzeker.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

scrupule ‘gewetensbezwaar’ -> Negerhollands skroepel ‘gewetensbezwaar’.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal