Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

schaverdijn - (schaats)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

schaverdijn [schaats] {schaverdein 1573} het tweede lid is onzeker; het eerste lid wellicht van schaven, middelnederlands schaven [schaven, krabben, zich wegscheren], volgens anderen echter < frans savate, picardisch chavate [oude, versleten schoen], althans van een verkleiningsvorm hiervan, via italiaans ciabatta < arabisch sabbāṭ [schoen].

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

schaverdijn v., bij Kil. schaverdijne, schuyverdijne, opgemaakt uit het ww. schaverdijnen, een samenst. met dial. schaver = schaats en dijnen, waarover bij dijning; cf. Fri. synon. schaevels jagen. Schaver, dial. scheuvel, schove(r)ling, alle afleidingen van schaven.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

F. Debrabandere (2010), Brabants etymologisch woordenboek: de herkomst van de woordenschat van Antwerpen, Brussel, Noord-Brabant en Vlaams-Brabant, Zwolle

gofferdijn, zn.: schaats. Var. van schaverdijn, via schofferdijn.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal