Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

sauna - (stoombad)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

sauna zn. ‘stoombad’
Nnl. sauna “Fins damp- of stoombad” [1847; Kramers], in Een Finsch gezin gaat iedere week in de “Sauna” man, vrouw en kinderen, allen tegelijk ! [1926; Groene Amsterdammer].
Ontleend aan Fins sauna ‘traditioneel Fins badhuisje’.
Fins sauna, met verwanten in de meeste Balto-Finse talen zoals Ingrisch en Wotisch sauna, Ests saun, Lijfs sōna, alle met vergelijkbare betekenissen als in het Fins, is ontwikkeld uit Proto-Fins *sakna, dat hoogstwaarschijnlijk een vroeg Germaans leenwoord is (Kallio 2008). Het gaat terug op vroeg-Proto-Germaans *stak-ná- (pie. *stogh-nó-, verwant met → staak), waaruit Proto-Germaans *stakka- (wet van Kluge) en Oudnoords stakkr ‘stapel’ en door ontlening Engels stack ‘id.’. Voor de betekenis moet men uitgaan van een stapel verhitte stenen als primitief middel om een bad te verhitten. Kallio noemt verscheidene woorden in andere talen met een vergelijkbare betekenisontwikkeling.
De traditionele etymologie, volgens welke het Finse woord verwant zou zijn met Samisch suovdnji ‘hol in de sneeuw’, is om fonologische en semantische redenen onhoudbaar.
In het Nederlands en diverse andere ontlenende talen verwijst het woord niet meer specifiek naar het traditionele houten Finse badhuisje, maar naar elke ruimte en elk gebouw waarin vergelijkbare stoombaden te vinden zijn.
Lit.: P. Kallio (2008), “The Etymology of Finnisch sauna ‘Sauna’”, in: K. Dekker e.a. (red.), Northern Voices. Essays on Old Germanic and Related Topics, Leuven

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

sauna [stoombad] {na 1950} < fins sauna [idem].

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

sauna s.nw.
Stoombad, of badhuis waarin dit voorkom.
Uit Eng. sauna (1881).
Eng. sauna uit Fins sauna.
D. Sauna, Fr. sauna, Ndl. saunabad (1744) en sauna (ná 1950).

Thematische woordenboeken

N. van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

sauna (Fins sauna)

N. van der Sijs (1998), Geleend en uitgeleend: Nederlandse woorden in andere talen en andersom, Amsterdam

sauna, toendra

Het bekendste Finse woord is sauna, door vele talen overgenomen. Of het instituut sauna door de Finnen is bedacht, is niet zeker — het bestond misschien al langer. Herodotus beschrijft omstreeks 450 voor Chr. dat de Scythen water en hennepzaad op verwarmde stenen gooiden om zo een bedwelmende damp te creëren. De Finse sauna wordt in een houten badvertrek genomen, waarin men afwisselend ondergedompeld wordt in hete lucht, stoom en warm water, onderwijl de huid met berkentwijgen bewerkend. Daarna koelt men af in koud water of liever nog in sneeuw. Bij de Finnen is het nemen van een sauna vanwege de heilzame werking tot nationale gewoonte uitgegroeid, en de Finnen hebben het verbreid naar andere volkeren.

Aanvankelijk waren sauna’s in andere landen alleen bekend uit reisverhalen: in het Engels werd sauna reeds vanaf 1881 genoemd, in het Duits in de eerste helft van deze eeuw. Omstreeks 1822 schreef J. van Wijk in zijn Algemeen aardrijkskundig woordenboek onder het lemma ‘Finland’: ‘Hunne woningen [namelijk van de Finnen] zijn slecht, doch de geringste boer heeft echter een klein soort van gebouw om een warm bad te genieten’. Merk op dat Van Wijk het woord sauna zorgvuldig vermijdt; kennelijk was het verschijnsel wel bekend, maar het woord ervoor niet. Pas na de Tweede Wereldoorlog ging men in andere landen, zoals Duitsland, Groot-Brittannië, Frankrijk, Nederland en België, sauna’s bouwen. In het Nederlands en Frans is ook het woord sauna pas na de Tweede Wereldoorlog algemeen bekend geworden.

Het tweede bekende Finse woord is toendra voor het gebied langs de Noordelijke IJszee en in het noorden van Europa, Azië en de Verenigde Staten. In dit gebied is de ondergrond het hele jaar door bevroren en daardoor is het voornamelijk begroeid met mossen en korstmossen. De vorm toendra is Russisch. In het Russisch is het woord sinds 1691 bekend. Het Russisch heeft het woord geleend uit het Fins tunturi ‘vlakke boomloze verhoging, bergen (in het noorden)’ of uit het aan het Fins verwante Laps tūndar (naast duoddâr) ‘berg’ — gezien de vorm is de laatste mogelijkheid het meest waarschijnlijk.

Het woord toendra is vanaf het midden van de negentiende eeuw vanuit het Russisch verbreid naar andere talen en daarin vrijwel tegelijkertijd overgenomen: in het Engels vanaf 1841, in het Duits vanaf het midden van de negentiende eeuw, in het Nederlands vanaf 1856, in het Frans vanaf 1876.

Pas in deze eeuw zijn er namen gegeven aan de voortdurend bevroren bodem waardoor de toendra wordt gekenmerkt. Hoewel deze namen niet teruggaan op een Fins voorbeeld — dankzij de warme Golfstroom bestaat er geen permafrost in Finland — en dus eigenlijk niet hier thuishoren, ga ik er toch even op in, omdat het aardig is te zien hoe de naamgeving van een zo onbekend fenomeen in zijn werk gaat. De Russen, op wier grondgebied het verschijnsel voorkwam, noemden en noemen het večnaja merzlota ‘eeuwige bevrorenheid’. Deze uitdrukking is in andere talen overgenomen, hetzij als leenwoord hetzij in vertaalde vorm. De Zweden hebben het vertaald als perenne tjäle, zoals ook in het Nederlands wel wordt gesproken van eeuwig ijs.

De Fransen hebben zowel de Zweedse als de Russische uitdrukking in verkorte vorm overgenomen, met behoud van de betekenis ‘altijd bevroren grond’: in 1925 vinden we in het Frans tjale als verkorting van Zweeds perenne tjäle en in 1940 vinden we merzlota als verkorting van Russisch večnaja merzlota. Ook het Engels kent de verkorting van de Zweedse uitdrukking: sinds 1924 komen tjaele, taele, tjäle in het Engels voor. Uit de varianten blijkt al dat het woord tot spelling- en uitspraakproblemen leidde. De Engelsen gebruikten in de praktijk dan ook meestal permanently frozen ground. In 1943 vond de Amerikaan S.W. Muller deze uitdrukking echter te lang en omslachtig, en stelde hij de kortere term permafrost voor, een samentrekking van permanent frost, letterlijk ‘voortdurende vorst’. Dit woord vond direct ingang in de meeste westerse talen, zoals het Deens, Frans, Nederlands en Zweeds; het Duits gebruikt Permafrostboden of Dauerfrostboden. Het Fins heeft permafrost letterlijk vertaald: Fins ikirouta is een samenstelling van iki- ‘voortdurend, eeuwig’ en routa ‘bevroren oppervlakte van de aarde’.

In 1946 meende K. Bryan in het American Journal of Science dat van permafrost moeilijk afleidingen gemaakt konden worden en dat het woord moeilijk door andere Europese talen kon worden overgenomen — de feiten geven hem overigens ongelijk. In ieder geval stelde hij een nieuwe term voor: pergelisol van per(manent) en Latijn gelare ‘bevriezen’ en solum ‘bodem’. Dit woord staat inderdaad sedert 1946 in de Franse woordenboeken als pergélisol, maar permafrost is toch het gewonere woord geworden.

De invloed van het Fins op de rest van de wereld kan dus al met al wel heel gering genoemd worden: het enige woord dat in Finse vorm door andere talen is overgenomen, is sauna; toendra is waarschijnlijk niet Fins maar Laps, en in ieder geval is de ontlening naar de rest van de wereld via het Russisch gegaan. Voor de meest kenmerkende eigenschap van de toendra wordt internationaal het Engelse woord permafrost gebruikt.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

sauna stoombad 1951 [Aanv WNT] <Fins

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal