Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

pos - (beenvis)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

pos*, post [vis] {posch 1287, post 1599} de vorm post met later toegevoegde t, fries poask; etymologie onzeker, mogelijk verwant met poezel, vanwege de dikke vorm, vgl. hoogduits Kaulborsch, waarvan het eerste lid een samentrekking is van Kugel.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

pos, post znw. v., ‘kleine baarssoort’, mnl. posk, fri. poask, oorspr. een woord voor iets dat dik en rond is, vgl. poezel. Ook in het nhd. kaulbarsch is het 1ste deel, samengetrokken uit kugel, de aanduiding voor een dikke vis.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

post I (visch). Kil. post, waarnaast posek. Post heeft jongere t (vgl. borst II); de vorm pos komt nog wel voor. Deze vorm, met phonetische spelling (vgl. plas), uit mnl. (o.a. Maerlant) posc m. = fri. poask “post”. Oorsprong onzeker. Bij poezel met de grondbet. “gezwollen ding”?? Kil. pors “genus piscis delicatioris”, een ook in andere germ. talen voorkomend woord, is niet verwant.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

pos m., Mnl. posc + Hgd. pösch, Fri. poask: oorspr. onbek.

post 6 v. (visch), met paragog. t van pos.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

pos* beenvis 1287 [CG NatBl]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal