Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

pigment - (kleurstof)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

pigment zn. ‘kleurstof’
Nnl. pigment [1824; Weiland], ‘kleurstof in dierlijke weefsels’ in de samenstelling pigmentstof in teekens op vissen door ... opeenhoping van pigmentstoffen [1860; WNT], pigment ‘kleurstof in planten’ in weede ... het daarin bevatte blaauwe pigment [1861; WNT weede I], ‘kleurstof in menselijke weefsels’ in het donkere pigment van het oog [1862; WNT Supp. albino], ‘chemische kleurstof’ in uit koperoxyde bereid pigment voor waterverf [1868; WNT weide I].
Ontleend, misschien via Frans pigment ‘kleurstof’ [1813; TLF], aan Latijn pigmentum ‘kleurstof, verf’, een afleiding met het achtervoegsel → -ment van het ww. pingere ‘verven’.
Latijn pingere (waaruit o.a. Frans peindre, Engels paint) is verwant met: Sanskrit piṅgalá- ‘roodachtig’; Oudkerkslavisch pěgŭ ‘geschakeerd’ (Tsjechisch píha ‘vlekje’); < pie. *poig-, *pi-n-g- ‘tekenen, verven’ (LIV 464), wrsch. een variant van de wortel *peiḱ- ‘krassen, graveren’ (LIV 465), zie → vijl.
In het middeleeuws Latijn ontstonden enkele afgeleide betekenissen van pigmentum, die in de Romaanse volkstalen tot o.a. Frans pimente, Spaans pimiento leidden, zie → piment.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

pigment [kleurstof] {1861, vgl. pigment [kruiderij (voor reukwerken, blanketsel, balsem), ook kruidenwijn, meiwijn] 1201-1250} < latijn pigmentum [verf, schmink] (sommige vormen geleend via oudfrans piment [balsem (in de moderne betekenis)]), van pingere (verl. deelw. pictum) [schilderen] + -mentum (achtervoegsel dat instrument aanduidt) (vgl. piment).

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

S.P.E. Boshoff en G.S. Nienaber (1967), Afrikaanse etimologieë, Die Suid-Afrikaanse Akademie vir Wetenskap en Kuns

pigment: kleurstof; Nnl. pigment, “kleurstof” (Mnl. pigment/piment, “spesery; gekruide drank”), Hd., Eng. en Fr. pigment, uit Lat. pigmentum, “kleurstof” (hou verb. m. Lat. pingere, “skilder”); v. ook piment.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

pigment ‘kleurstof’ -> Indonesisch pigmén ‘kleurstof’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

pigment kleurstof 1861 [WNT weede I] <Latijn

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal