Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

oplaag - (aantal exemplaren)

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

oplaag s.nw.
Aantal eksemplare van 'n uitgawe van gedrukte materiaal of van 'n musiekopname.
Uit Ndl. oplaag (1799 - 1811). Ndl. oplaag of oplage is 'n afleiding van opleggen wat hier aandui dat goedere in die magasyn lê (leggen), d.i. bewaar word, tot dit verkoop word.

Thematische woordenboeken

A. Moortgat (1925), Germanismen in het Nederlandsch, Gent

bijlage, oplaag. — Blijkbaar zijn de woorden bijlage en oplaag (oplage) ontleend aan D. Beilage, Auflage, maar niet in strijd met de analogie. Ten bewijze de Nederlandsche samenstellingen achterlage (verouderd), hinderlaag, nederlaag, die denzelfden oorsprong hebben. Bijlagen zijn bescheiden, aanhangsels, bijbladen, bijvoegsels of andere dergelijke, en een oplaag, soms gebezigd in den zin van uitgave, druk, is eigenlijk het gezamenlijke getal afgedrukte exemplaren (van een werk, dagblad enz.). Beide zijn in het Nederlandsch opgenomen.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal