Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

openen - (ontsluiten)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

openen* [ontsluiten] {1300} oudsaksisch opanon, oudhoogduits offanōn, oudengels openian, oudfries epenia, oudnoors opna; afgeleid van open.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

openen ww., mnl. ōpenen, os. opanon, ohd. offanōn (nhd. öffnen), ofri. epenia, oe. openian (ne. open), on. opna is een afl. van open.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

openen ww., mnl. ōpenen. = ohd. offanôn (offenen, nhd. öffnen), os. opanon, ofri. epenia, ags. openian (eng. to open), on. opna “openen”.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

F. Aarts (2017), Etymologisch Dictionairke vaan ’t Mestreechs, Maastricht

opene (ww.) openen; Middelnederlands openen <1300>.

Thematische woordenboeken

W. de Vreese (1899), Gallicismen in het Zuidnederlandsch, Gent

openen (I). - In het Nederlandsch kan men niet zeggen dat eene deur, een venster op die of die plaats opent. Deze wijze van uitdrukking is ontleend aan het Fransch. Aan ouvrir sur - beantwoorden verschillende Nederlandsche uitdrukkingen, b.v. cette porte ouvre sur la rue, sur le jardin = die deur komt op de straat, op den tuin uit; la fenêtre ouvre sur la rivière = het raam geeft uitzicht op de rivier; cette porte ouvre sur la grande salle = deze deur geeft toegang tot de groote zaal. || De vierde zijde (eener kapel) heeft slechts eene deur, die op het kleinere kappelletje (sic) opent, ROOSES, Op Reis 54.

openen (II) (een onderzoek openen). - In de couranten kan men dagelijks deze uitdrukking lezen, letterlijk vertaald naar het Fransch ouvrir une enquête. In onze taal zegt men dat een onderzoek ingesteld of bevolen wordt, al naar het verband. || Naar aanleiding van het enkwest, onlangs door Le Mercure de France geopend, BR., in Vl. School 1895, 98a.

openen (III) (een prijskamp, een wedstrijd openen). - Ook deze uitdrukking komt veelvuldig voor in de couranten, alsook in officieele stukken. Een wedstrijd openen is echter eveneens naar het Fransch vertaald: ouvrir un concours; in het Nederlandsch zegt men een wedstrijd uitschrijven. || De stad Antwerpen had een grooten prijskamp voor tooneelschrijvers geopend, ROOSES, Derde Schetsenb. 296. Een prijskamp is geopend voor het opstellen van een handboek over het alcoholisme, De Toekomst 40, 158.

openen (IV) (vensters openen). - Men zegt in het Fransch ouvrir une porte, une fenêtre dans un mur, en soms wordt deze wijze van uitdrukking in Zuid-Nederland nagevolgd. Men zegt echter niet eene deur, een venster in een muur openen, maar eene deur, een venster in een muur aanbrengen, maken, kappen. || Op elke verdieping is een venster geopend, met enkelen of dubbelen boog, ROOSES, Op Reis 38. Op de tweede verdieping telde men twee heele en drie halve vensters, die in schachten van wanstaltige Ionische kolommen geopend zijn, ROOSES, Antw. Schildersch. 1, 149.

openen (V) (wegen openen). - In het Fransch zegt men ouvrir un chemin, une rue enz.; daaraan is de uitdrukking wegen openen ontleend. In het Nederlandsch zegt men wegen aanleggen, een weg banen. || Wij slaan de handen in elkander en openen voor hem de baan der kunst, SNIEDERS 5, 10b. Men (mag) zeggen dat er in geene twee eeuwen zoo veel nieuwe wegen werden geopend als wij in de jongste vijf en twintig jaren gezien hebben, DE POTTER, Gent 1, 186. Zonder het zelf te weten, heeft hij (zeker schrijver) misschen nieuwe banen aan de Nederlandsche critiek geopend, door enz., L. WILLEMS in Nederl. Mus. 37, 255.

zich openen. - Men zegt in het Nederlandsen niet dat een tijdperk zich opent, maar wel dat het aanbreekt. Zich openen is hier de vertaling van fr. s’ouvrir in een dergelijk verband. || Een nieuw tijdstip, vol onrust en vol onbekendheid, (heeft) zich voor hen geopend, BUYSSE, Mea Culpa 11.

zich openen. - Naar fr. s’ouvrir.|| De kring opent zich, de schoutet en de kolfdragers treden vooruit, SLEECKX 5, 54 (er wordt vereischt wordt geopend of ging open). In 1815 hulp-archivaris te Antwerpen benoemd, opende zich voor zijne veelomvattende kennis een nieuw verschiet, Onze Dichters 36.
– In de eerste afdeeling, II (zie Openen (IV), boven blz. 143) werd reeds vermeld, dat men in het Nederlandsch niet zegt in een muur een venster openen; begrijpelijkerwijze kan men dan ook niet zeggen dat vensters zich openen, wanneer bedoeld wordt dat die vensters er zijn, bestaan, gemaakt zijn. || Hoog en smal zijn de zijbeuken en boven dezen openen zich tegen het gewelf gekleurde glasramen, die eenen halven geheimzinnigen dag laten doordringen, ROOSES, Ov. de Alp. 5.
– In de volgende aanhaling staat zich openen in een verband, waarin bedoeld en vereischt wordt open zijn, een opening vertoonen. In het Fransch kan s’ouvrir in een dergelijke opvatting gebruikt worden (zie LITTRÉ 3, 892a); vandaar de fout. || Soms zelfs zou men wanen de open zee te zien … Op sommige dezer breedere plekken opent zich ook de heuvelenrij en aan den ingang van een dal ziet men een schilderachtig dorp liggen, ROOSES, Op Reis 238.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

openen ‘ontsluiten’ -> Negerhollands open, hōp, hōpō, hopo ‘ontsluiten, opengaan’; Sranantongo opo ‘ontsluiten’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

openen* ontsluiten 1300 [MNW]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal