Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

onmens - (wreedaard)

Etymologische (standaard)werken

P.H. Schröder (1980), Van Aalmoes tot Zwijntjesjager, Baarn

onmens

Het voorvoegsel on- drukt in de eerste plaats een gewone ontkenning uit: onrijp is: niet rijp en onverwacht is: wat niet verwacht werd. In vroeger tijd was de betekenis van on- echter veel sterker. Het gaf niet alleen de afwezigheid te kennen van het begrip dat door het volgende woord werd uitgedrukt, maar veeleer de tegenovergestelde eigenschap. Zo betekende het Middelnederlandse onscone: afschuwelijk en onsachte: krachtig. Resten van die oude sterke betekenis vindt men nog in onmens, waarmee men hem aanduidt die niets menselijks meer heeft, in ondier: monster, in onkruid: schadelijk kruid en nog enkele. In deze woorden ligt de klemtoon op on-; waar de betekenis verzwakt is, versprong het accent naar het hoofdwoord.

Thematische woordenboeken

M. De Coster (2007), Groot scheldwoordenboek: van apenkont tot zweefteef, Antwerpen

onmens: wreedaard; harteloos iemand. Vgl. ondier*.

Aftuiger en onmens en vrouwenbeul was nog het liefelijkste dat uit d’r keeltje kwam. (Piet Bakker, Ciske de rat, 1941)
Vloeken en te keer gaan als een beest! Kortom, het was een onmens, die schurk. (H. van Aalst, Onder martieners en bietsers, 1946)

N. van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

onmens (Duits Unmensch)
Dateringen of neologismen

Nicoline van der Sijs (2015-heden), Jaarwoordenzoeker ‘Een woord uit elk jaar 1800-heden’, zie ook bij Onze Taal

bloed en bodem [nationaal-socialistisch begrip] (1931). In 1931 wordt de Nationaal-Socialistische Beweging in Nederland (afgekort NSB) opgericht door Anton Mussert, naar het voorbeeld van Hitlers politieke partij, de NSDAP. De NSB heeft een geheel eigen taalgebruik, dat met name tijdens de oorlog algemeen bekend raakt. Zo heeft de partij een eigen groet, ‘Hou zee’, die voor het eerst gebruikt wordt door de politicus Cees van Geelkerken in 1933. Uit de Duitse nationaal-socialistische taal komen woorden als levensruimte, ondermens, onmens, ophitsen, en bloed en bodem. Die laatste term legt een verband tussen afstamming (bloed) en de grond/levensruimte (bodem) van een volk, en wordt hiermee een centraal begrip in het nationaal-socialisme. Ook de rangen voor de SS en de benamingen voor politieke en militaire organisaties zijn vaak directe leenvormingen uit het Duits: standaardleider, hoofdstormleider, opperschaarleider. De NSB’ers grijpen graag terug op het Germaanse verleden, waardoor woorden als joelfeest, midwinterwende, runen en wiking veelvuldig gebruikt worden. Bonze of bons is een scheldwoord voor een sociaal-democratische partijfunctionaris. Het woord roddelen, voor ‘kwaadspreken’, (opvallend genoeg een Jiddisch woord) is in NSB-kringen zeer populair.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal