Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

minzaam - (beminnelijk)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

minzaam* [beminnelijk] {min(ne)sam 1348} middelhoogduits minnesam, van minne [liefde] + het achtervoegsel -zaam.

P.H. Schröder (1980), Van Aalmoes tot Zwijntjesjager, Baarn

minzaam

Het woord minzaam wordt veelal gebezigd wanneer men wil uitdrukken dat een hooggeplaatst persoon welwillend en vriendelijk optreedt tegenover mensen met een lagere positie. Men zegt dat de koningin minzaam dankte voor het gejuich waarmee zij werd begroet.

Het woord minzaam kwam al in het Middelnederlands voor. Men acht het waarschijnlijk dat het naar Duits voorbeeld is gevormd, mede omdat het voornamelijk wordt aangetroffen in Duits getinte godsdienstige geschriften. De oude betekenis is dan: wat wijst op een wederzijdse vriendschappelijke gezindheid in een bepaalde gemeenschap. Die betekenis vindt men terug in uitdrukkingen als in der minne: vriendschappelijk en in onmin: in onenigheid.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

minzaam bnw. mnl. minsam, minnesam, minsaem (vooral in devote literatuur), mhd. minnesam, samenstelling van min 1 + suffix -zaam.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

minzaam bnw. Reeds mnl. (Limb. Serm., Ruusbroec e.a. devote literatuur) ohd. mnd.

C.B. van Haeringen (1936), Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Supplement, Den Haag

minzaam. Wsch. is het woord in de mnl. devote literatuur naar het hd. voorbeeld gevormd. A.C.Bouman Tschr. 42, 101.

Thematische woordenboeken

N. van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

minzaam (Middelhoogduits min(ne)sam)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

minzaam ‘beminnelijk’ -> Fries minsum ‘beminnelijk’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

minzaam beminnelijk 1348 [MNW] <Duits

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal