Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

mausoleum - (praalgraf)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

mausoleum zn. ‘praalgraf’
Vnnl. mausolen (mv.) ‘mausolea’ in O Delta ... met u graf pilaren, met u Mausolen [1612; WNT graf]; nnl. mausoleum ‘praalgraf in Halicarnassus’ in 't Mausoleum ... een van 's weerelds zeven aaloude wonderen [1715; WNT wonder i], mausoleum ‘praalgraf’ [1824; Weiland].
Ontleend aan Latijn mausōlēum ‘praalgraf’, dat zelf ontleend is aan Grieks Mausōleĩon, de naam van het praalgraf van Maússōllos ‘Mausolos’, satraap van Carië in Klein-Azië, dat zijn vrouw Artemisia in 353 v. Chr. voor hem liet bouwen in Halicarnassus (nu Bodrum in Turkije); het monument was een van de zeven wereldwonderen in de klassieke oudheid. Bij uitbreiding in gebruik gekomen voor andere grafmonumenten, en nu een algemene aanduiding voor een praalgraf.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

mausoleum [grafteken] {1824} < latijn Mausoleum < grieks Mausoleion, het grafmonument van koning Mausolos († ca. 353 v. Chr.) te Halikarnassos, één van de zeven wereldwonderen.

Thematische woordenboeken

N. van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

mausoleum (Latijn mausoleum)

E. Sanders (1993), Eponiemenwoordenboek: Woorden die teruggaan op historische personen, Amsterdam

mausoleum, praalgraf
In 1494 besloten de johannieterridders dat het kruisvaarderskasteel in Bodrum, een plaatsje aan de Turkse kust, moest worden verstevigd. Voor bouwmateriaal hoefden zij niet ver te zoeken. Tegenover het kasteel, aan de andere kant van de baai, lag het Mausoleum.
Dit monumentale praalgraf was in de vierde eeuw v.Chr. gebouwd voor koning Mausolos. Mausolos was van 377 tot 353 v.Chr. satraap van Carië, een koninkrijkje in Klein-Azië dat deel uitmaakte van het machtige Perzische rijk. Hij was getrouwd met zijn zuster Artemisia en vanuit Halicarnassus, de hoofdstad van zijn rijk, breidde Mausolos gestadig zijn macht uit tot hij in 353 overleed.
Artemisia was de wanhoop nabij. Na de lijkverbranding verzamelde zij de as van haar geliefde, zo wil het verhaal, en mengde hiervan dagelijks een portie door haar drinken tot zij in 351 van verdriet stierf.
Na de dood van Mausolos gaf Artemisia leiding aan de bouw van het praalgraf dat zij naar hem Mausoleum noemde. Overigens werd volgens Plinius het citroenkruid artemisia weer naar haar vernoemd, maar dit is door latere taalkundigen bestreden. Het is onduidelijk wanneer met de bouw van het praalgraf werd begonnen en wanneer het werd voltooid. Sommigen menen dat Mausolos zelf omstreeks 370 het initiatief nam en dat het kort na de dood van Artemisia klaar was. Anderen menen dat Artemisia de opdracht gaf en dat het praalgraf omstreeks 330 werd voltooid.
Hoe het ook zij, het Mausoleum was van een adembenemende schoonheid. Er zijn slechts een paar onvolledige beschrijvingen van bewaard gebleven, reden waarom oudheidkundigen elkaar over de details in de haren vliegen. Maar zeker is dat de grafkamer werd aangelegd op een getrapte onderbouw van ongeveer 33 bij 39 meter. Daarop stond een vierkant gebouw, omringd door 36 Ionische zuilen, met op het piramidevormige dak een gebeeldhouwd vierspan. Het geheel was ongeveer 50 meter hoog en voorzien van talloze schitterende beeldhouwwerken.
Het graf werd al in de oudheid tot een van de zeven wereldwonderen uitgeroepen en vanaf de eerste eeuw n.Chr. kreeg mausoleum de betekenis die het nog steeds heeft, namelijk: ‘prachtig grafteken’, ‘praalgraf’, ‘tempelgraf’ of ‘graftombe’.
Op de johannieters maakte het Mausoleum minder indruk. Bij een aardbeving in de 13de eeuw was het dak ingestort, maar er stond nog meer dan genoeg overeind om als bouwmateriaal te dienen. Liefst 28 jaar hadden de ridders nodig om alle marmeren beelden en friezen, gemaakt door bekende Griekse beeldhouwers, in kleine stukken te slaan en tot mortel te malen. Van de groene vulkanische steenblokken die de kern van het Mausoleum hadden gevormd, werden muren gebouwd waarin sporadisch een deel van een fries werd gemetseld.
In 1522 werd de onderaardse grafkamer ontdekt: de fijnbewerkte marmeren platen aan de muur werden lachend aan stukken geslagen maar voor het openen van de wit-albasten sarcofaag was geen tijd meer.
Toen de ridders de volgende dag terugkwamen bleek de doodkist geopend. De goudschat was door piraten meegenomen en is nooit teruggevonden.

T. Pluim (1922), Wetenswaardig allerlei: bijdragen tot algemeene kennis voor studeerenden bijeenverzameld door T. Pluim, Groningen

Mausoléum. Bij den dood van Mausolus, koning van Carië in Klein-Azië, liet zijn gemalin Artemisia te Halicarnassus een weidsch grafteeken oprichten, dat om zijn pracht tot de zeven wonderen der wereld werd gerekend. Het was 50 M. hoog, rustte op 36 zuilen en had een omtrek van 140 M. In 1857 werden er nog verschillende overblijfselen van beeldhouwwerk van gevonden. Vandaar dat nog heden een vorstelijke grafstede in koepelvorm een mausoleum heet.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

mausoleum ‘grafteken’ -> Indonesisch mosoléum ‘grafteken’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

mausoleum grafteken 1824 [WEI] <Latijn

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal