Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

krant - (nieuwsblad)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

krant zn. ‘nieuwsblad’
Vnnl. courante ‘actuele berichten’ in de pamflettitel Extract wt de laetste courante der ghelooffwaerdichster gheschiedenissen inde belegheringe voor de stadt ende casteel van Gulick [ca. 1610; Picarta], in de titel van een wekelijks verschijnend nieuwsblad Courante uyt Italien, Duytslandt, ... [vanaf ca. 1618], courante, crante ‘nieuwsblad’ in in de Crante leest [1653; WNT], leest maar een ouw' Courant' [1659; WNT].
Zelfstandig gebruik van het bn.courant 1 in de betekenis ‘actueel, lopend’. Courante(n) waren ‘actuele berichten’ en het woord courante ging bij uitbreiding al spoedig ‘blad met actueel nieuws’ betekenen. De klemtoon lag op de tweede lettergreep, zodat door apocope van de slot-e en door het wegvallen van de tot sjwa verdofte [u] in de eerste lettergreep de verkorte vorm krant kon ontstaan. De oorspr. vorm courant is verouderd en bestaat alleen nog in krantennamen.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

krant [dagblad] {1776-1777} samentrekking van courant {1659}, verkort uit courante nouvellen {1616} < frans nouvelles courantes [lopende nieuwtjes] (vgl. courant1).

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

krant znw. v., reeds bij Huygens komt de verkorting krante uit courant voor. In het begin der 17de eeuw werden de periodieke nieuwstijdingen, oorspronkelijk van makelaars en handelslieden, courante nouvellen genoemd.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

krant znw., reeds bij Huygens crante. Verkort uit courant (vgl. kraal I, kleur); oudste bet. hiervan: “loopende nieuwstijdingen”; verkort uit courante nouvellen (begin 17. eeuw). Het bnw. courant > fr. courant, deelw. van courir (< lat. currere).

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

krant v., verkort uit “courante-nouvellen”, uit Fr. courant, teg.deelw. van courir, Lat. currere = loopen (z. kar).

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

S.P.E. Boshoff en G.S. Nienaber (1967), Afrikaanse etimologieë, Die Suid-Afrikaanse Akademie vir Wetenskap en Kuns

koerant: “nuusblad”; Ndl. (sedert 17e eeu) courant (deftig)/krant (gew.), Eng. current, uit Fr. (b.nw.) courant, “lopend”, bv. les affaires courantes, “lopende sake”, dan gesubst. le courant des affaires, “die loop van sake”, d.w.s. “publikasie v. lopende sake, nuustyding, nuusblad”, hou verb. m. Fr. (ww.) courir, Lat. currere, “loop”.

Thematische woordenboeken

N. van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

krant (Frans courant)

T. Pluim (1911), Keur van Nederlandsche woordafleidingen, Purmerend

Krant, verkort uit courant en dit weer van ’t Fr. courante nouvelle = loopend nieuws, of zooals Hooft zegt: loopmare (courir = loopen).

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

krant, courant ‘dagblad’ -> Fries krante ‘dagblad’; Duits dialect Kurante, Krante, Krant ‘dagblad’; Indonesisch koran; (Bahasa Prokem) rokan ‘dagblad’; Ambons-Maleis kurant ‘dagblad’; Balinees koran ‘dagblad’; Jakartaans-Maleis koran ‘dagblad’; Javaans koran ‘dagblad’; Kupang-Maleis kurant ‘dagblad’; Madoerees koran, korran ‘dagblad’; Menadonees kurant ‘dagblad’; Minangkabaus koran ‘dagblad’; Ternataans-Maleis kurant ‘dagblad’; Berbice-Nederlands koranti ‘dagblad’; Papiaments korant (ouder: courant, coerant) ‘dagblad’; Sranantongo koranti, kranti ‘dagblad’; Sarnami kránti ‘dagblad’; Surinaams-Javaans koran, kranti ‘dagblad’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

krant dagblad 1610 [Picarta: titel Extract wt de laetste courante]

M. De Coster (1999), Woordenboek van Neologismen: 25 jaar taalaanwinsten, Amsterdam

krant: spelen, rijden, fietsen, voetballen enz. als een natte —, erg slecht, beneden alle peil rijden, fietsen enz. Als een natte krant heeft hier dus de betekenis ‘slap’. Slang.

Holland speelde als een natte krant. (J.A. Deelder: Modern Passé, 1988)
Meteen al, in de rust van Nederland-Egypte. Ik wist dat ik gewisseld zou worden, het hele elftal speelde als een krant, maar ik wist dat hij mij eruit zou pikken. (Nieuwe Revu, 14/11/91)
CorelChess laat zich moeilijk beoordelen. Het programma ziet er zeer fraai uit, maar schaakt als een natte krant en kent bovendien weinig nuttige opties. (PCM, december 1996)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal