Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

kol - (stem, keel)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

kol5 [stem, keel] {1901-1925} < jiddisch kol [stem] < hebreeuws qōl [stem, klank, geluid].

Thematische woordenboeken

J. van de Kamp en J. van der Wijk (2006), Koosjer Nederlands: Joodse woorden in de Nederlandse taal, Amsterdam; inclusief ongepubliceerde aanvullingen door de auteurs

kol 1: stem; geluid; misbaar; Kol Jisraeel: nationale Israëlische radiozender. Zie ook: kol isja, koul | < Jidd. < Hebr. De vermelding in Querido’s Jordaan (1914) geeft de indruk dat dit woord al vrij vroeg ver buiten de Jodenhoek werd gebruikt.

— ‘Die jongen heeft een prachtstem. Wat een ‘kol’.’ ‘Geen wonder. Weet u niet wie zijn grootvader was?’ ‘Hoe zou ik dat moeten weten? Ik ken die hele jongen niet.’ ‘Kerpel... Kerpel! De grootste zanger die ooit heeft bestaan. Wát vertelt u me daar, heeft u nog nooit van Kerpel gehoord? U moest zich schamen. Dat wil over opera’s meespreken en heeft nog nooit van Kerpel gehoord.’ Zegt de ander: ‘Als u het mij vraagt, doet zijn stem me aan Isalberti denken.’ ‘Isalberti? Hoe komt u dáárbij? Valt me waarachtig-als-God nog mee, dat u niet zegt, dat zijn stem op Else Grassau lijkt. Die stem... er is maar één stem waar die jongen me aan doet denken. Weet u het niet? Nou raad u eens, u weet het niet, nou goed, dan zal ik het u zeggen. Aan Sjaak Urlus, jawel, aan niemand anders dan aan Sjakie Urlus.’ ‘nou u dat zegt, u hebt gelijk. Sjaak Urlus, niemand anders. Als twee druppels water Sjaak Urlus... maar een beetje Orelio zit er ook wel in.’ (MEYER SLUYSER, 1957)
— Die pop moest ik hebben, gilde ik huizenhoog. Ik moet (zo is mij later ingeprent) de bezienswaardigheid van de Breestraat geweest zijn: wat kon dat kind een kól opzetten en oj, voor wat? Voor zo’n stuk treife mesjokkaas. (MEYER SLUYSER, 1962)
— ...de acht dagen van het Loofhuttenfeest was de tijd voor kool. Op een van die dagen [Housjane Rabbe, de zevende dag Sokkes] werd in de synagoge gebeden (wat klinkt dat toch afschuwelijk; ik moet natuurlijk als jood zeggen: er werd bij oren in sjoel gezegd): ‘kol mewasser’, dat is hebreeuws voor: ‘de stem van de brenger van goede tijdingen’. Allerminst zal degeen die dit vaststelde verwacht hebben, dat deze tekst door de jiddisch sprekende massa zou worden aangegrepen om voor die dag ‘Kohl mit Wasser’ als religieus voorschrift te beschouwen. (MOZES HEIMAN GANS, 1985)
— Mijn vader was penningmeester van de Nederlandse ‘Mizrachie’, de religieuze zionistische beweging, en mijn moeder was actief in ‘Koleinoe’ [Onze Stem], de mizrachistische vrouwenorganisatie. (BERRIE ASSCHER, 1996)

kol 2: al, alle, alles; kol Jisrool: heel Israël, alle joden; kol Jisrool acheihem: alle joden zijn broeders; kol kaal: de hele (goe-)gemeente; kol mom ra: alle gebreken, al wat slecht is; kol teiwes Hasjem: al wat God een gruwel is; kol dichfien jeisei wejeichol (uit de hagode voor Peiseg): elk die honger heeft, kome en ete. Zie kol hakavod, Kol Nidre, kol haneoriem | < Jidd. < Hebr.

— Heeft rebbe Löb niet laatst nog bij een Droosje beloofd dat Kol Jisrool eens komt in ’t land Kenaan? (I. H. VAN EEGHEN, 1964)
— Zó was het gezegd, door allen tezamen, in ernstige nadruk, en vaders stem had het luidst geklonken, boven allemaal uit: de rechthebbende stem! ‘Kol digfien jeisei wejeigol.’ Elk die honger heeft, kome en ete, elk, die benodigd is, zitte met ons aan om het Paasfeest te vieren...’ Zó wordt het gezegd en daarna zet je dan de huisdeur open... en je wacht... (CARRY VAN BRUGGEN, 1927)
— Cheijem was te aangedaan om veel te zeggen. “Sjkouch! Sjemborechoe zal ’t jelui lonen... ’t Is toch maar waar kol jisrool acheiem (alle joden zijn broeders).” (S. VAN DEN EEWAL, CA. 1908)
— Zijn aanwezigheid wordt met stille ingenomenheid begroet. Er zweeft op deze dag iets van het ‘Kol Jisroeil Chaweiriem’ in de lucht. Vergevingsgezind en vertederd door de overweging: hij is ook bij ons en dus ook van ons, doet men hem alle in voorraad zijnde kowed aan. (HARTOG BEEM, 1950)

koul demomoh dakkoh: zachte tedere stem, zacht gepraat | (< Jidd.) < Hebr. ‘het suizen van een zachte stilte’ (I Koningen 19:12). Zie: kol 1.
De profeet Elia (Elias, Eliah, zie: Eiljenowe) vluchtte voor de afvallige koning Achab en zijn beruchte echtgenote Izébel. Toen hij in een spelonk overnachtte verscheen God aan hem. De passage van die verschijning is een erg poëtische tekst. Elia staat op de berg, wachtend op de Heere. Een rotsbrekende storm raast langs, maar in die storm is God niet. Dan volgt een aardbeving. Ook in de aardbeving is God niet. Dan een vuur. Ook in het vuur is God niet. Na het vuur het ‘suizen van een zachte stilte’. Als Elia dít hoort bedekt hij zijn gezicht, wetend dat hij nu met de Eeuwige geconfronteerd wordt.

— De geest des tijds ademde ongeloof en de jeugdige zonen van Israel, die de diamantslijperijen bevolkten, offerden gretig en gewillig aan die geest des tijds. Hiertegen een dam op te werpen, hun Jodendom temidden van de draaiende molen standvastig te bewaren, uit de orkaan van atheïstische spot en hoon de “koul demomoh dakkoh”, de liefelijke stem van de godsdienst te redden - ziedaar het heerlijk streven van de jeugdige, met heilig vuur bezielde enthousiasten die op Erew Joum Kippoer 1908 de nieuwe Vereniging Betsalel stichtten. Tot hun aanvoerder en ere-voorzitter kozen zij hun cursusleider, de jeugdige voorganger M. de Hond.
[Isaäc Gans, 1927] (MOZES HEIMAN GANS, 1971)

J. Meijer (1984), Tolk van 't olle volk: Joods supplement op het Nieuw Groninger woordenboek van K. ter Laan, Scheemda

kol Hebr. KOL = stem. Gaazn hèt ’n beste kol. Ook in de zin van hard geluid: Zet nait zo’n kol op. Dij hèt ’n kol as ’n oele (= fabrieksschoorsteen).

H. Beem (1975), Resten van een taal: woordenboekje van het Nederlandse Jiddisch, Assen

kol a. stem; ook ndl. volkstaal; hebr. kol, idem.
b. alles, geheel. hebr. kol, idem.

H. Beem (1974), Uit Mokum en de mediene: Joodse woorden in Nederlandse omgeving, Assen

kol < jidd. stem.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal