Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

klasse - = klas (groep)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

klasse zn. ‘groep bijeenhorende personen of zaken’
Vnnl. classe eerst in de betekenis ‘groep kerkgemeenten, classis’ [1579; WNT zuid], dan classe ‘groep leerlingen, leerjaar, klaslokaal’ [1607; WNT], dan klasse ‘categorie (hier: welstandsklasse)’ in de klasse van dertigh guldens [1695; WNT]; nnl. classe, klasse ‘categorie, groepering, indelingscriterium’ in een grande van de eerste classe [1721; Weyerman], ampten, waar in trappen, classen of rang te passe koomen [1724; WNT], verdeeling der planten in classes [1727; WNT verdeeling], de drie deelen of classen der getallen [1740; WNT tri-n-], dan ook ‘maatschappelijke klasse’ in de laagste classe [1782; WNT], ‘indeling’ in de 1ste en 2de klasse van rijtuigen [1839; WNT], ook in samenstellingen, zoals de zeilnummers der verschillende wedstrijdklassen [1919; WNT Aanv. wedstrijd], de gewichtsklassen voor worstelen [1924; WNT].
Ontleend aan Franse classe ‘schoolklas’ [1549; Rey], later ook ‘gedefinieerde categorie’ [1690; Rey], ‘maatschappelijke klasse’ [1758; Rey], ‘hoge kwaliteit’ [1916; Rey]. Het Franse woord gaat terug op Latijn classis ‘vloot, maatschappelijke klasse, leger, schoolklas’ en later ook ‘bijeenkomst, verzameling’ [1534; Fuchs 1977-2005], misschien afgeleid van calāre ‘samenroepen’, dat verwant is met Grieks kaleĭn ‘roepen’, zie → klaar. Voor de oude betekenis ‘groep kerkgemeenten, classis’ zie → classis. Zie ook → klasseren, → klassiek, → klassikaal.
Het woord wordt ook als predicatief bn. gebruikt, in de betekenis ‘van hoge klasse’, bijv. dat is klasse ‘dat is puik’ [1890; WNT].
Lit.: J.C. Weyerman (1721), Rotterdamsche Hermes, Rotterdam, 320

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

klasse ‘groep, afdeling; rang; categorie; kwaliteit’ -> Indonesisch kelas ‘groep; klasse, rang’; Atjehnees glaih, glah ‘rang in trein of boot’; Javaans kelas, klas ‘categorie, groep’; Madoerees kēllas, klas ‘rang in spoortrein, stoomboot e.d.’; Makassaars galâsá, kalâsá ‘rang in bioscoop, klasse van trein’; Menadonees klas ‘groep, niveau’; Minangkabaus kalas, kelas ‘rang in trein, boot’; Sasaks kĕlas ‘rang in trein, boot’; Petjoh kelas ‘indeling in trein of bioscoop’; Singalees käläsi-ya, kläsi-ya ‘groep, afdeling’ (uit Nederlands of Portugees); Sranantongo klasse ‘kwaliteit’.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal