Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

kassei - (straatkei, kinderkopje)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

kassei zn. ‘straatkei, kinderkopje’
Mnl. cautsiede ‘bestrate weg’ in ane de kautsiede ‘aan de straatweg’ [1276-1300; CG I, 2869] en in de afleiding cautsieden ‘bestraten’ [1280; CG I, 526], ook in vele vorm- en spellingvarianten, zoals cauchide [1290; CG I, 1443], cassiede [1300-50; MNW-R], calsiede [1317; MNW], ‘straatkei’ in van calseyden en oirdune ‘van kasseien en arduin’ [1450; WNT] ; vnnl. nog kassije, kassij-wegh ‘bestrate weg’ [1599; Kil.].
Ontleend aan Oudpicardisch cauchie ‘bestrate weg’, het equivalent van Oudfrans chauciee (Nieuwfrans chaussee) en ontwikkeld uit de verkorting van vulgair Latijn *via calciata ‘bestrate weg’; hierin is het bn. *calciata ‘bestraat’ het verl.deelw. van *calciare ‘bestraten’, oorspr. wrsch. ‘bedekken met steenslag en kalk’, een afleiding van klassiek Latijn calx ‘kalk’, zie → kalk. Bij het verharden van sommige wegen, met name in moerassige gebieden, gebruikten de Romeinen namelijk kalk. De benaming zou dan bij uitbreiding zijn toegepast op alle soorten verharde wegen.
Het bestaan van vormen met en zonder -l- is te verklaren uit het Picardisch, waarin al vroeg vocalisatie optrad van l voor medeklinker. De ts is de Nederlandse weergave van de gewone uitspraak van Picardisch ch, in de vorm met ss is assimilatie ls > ss of ts > ss opgetreden. De d in de Middelnederlandse uitgang kan alleen worden verklaard uit hypercorrectie; in alle Noord-Franse dialecten was de d al zeer vroeg weggevallen en de d in het Nederlands kan dus niet meer teruggaan op de t in Latijn*calciata. De vroeger zeer veel voorkomende spelling kassij is etymologisch correct, omdat de eindklank teruggaat op ouder -ie. De officiële spelling is tegenwoordig kassei [1954; WL]; ook eerder kwam bijv. casseye [1695; WNT] wel voor. Wellicht heeft analogie met → kei een rol gespeeld, of met → karwei, waarvan de uitgang eveneens teruggaat op vulgair Latijn -ata.
Het woord komt oorspr. alleen voor in het Zuid-Nederlandse taalgebied. De Middelnederlandse betekenis ‘bestrate weg’ komt ook in het Nieuwnederlands nog voor, maar is nu beperkt tot de dialecten, bijv. West-Vlaams kalsie, kassie, en komt ook voor in straatnamen. In de standaardtaal is uitsluitend de betekenis ‘straatkei, straatsteen’ gangbaar, die wrsch. is ontstaan als verkorting van kasseisteen. In het BN is kasseien het gewone woord voor natuurstenen bestrating; in het NN is het woord vooral uit de wielertaal bekend, maar beduidend minder gangbaar; bovendien kunnen NN kasseien ook van beton zijn gemaakt.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

kassei, kalsij(d)e, kalsei [straatweg] {cautsie(de), cauchie, cassië [straatweg, straatsteen] 1300} < picardisch cauchee, frans chaussée (vgl. chaussee).

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

kassei znw. m. v. Zuidnl. voor ‘straatweg’, mnl. cautsie, cautsiede, katside, ketsie, cassië, cassiede e.a. < noordfra. cauchee = fra. chaussée (sedert 12de eeuw) < gallo-rom. *calciāta van *calciāre ‘met kalk bedekken, bedekken met steenslag en kalk’.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

kassei, kassij v., gelijk Eng. causeway, uit Pic. cauchie (Fr. chaussée, waarnaar kassei omgevormd is), van Mlat. calciatam (-a), zelfst. gebr. v.d. van calciare = met kalk en mortel beleggen, afgel. van Lat. calx = kalk (z.d.w.).

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

F. Debrabandere (2011), Limburgs etymologisch woordenboek: de herkomst van de woorden uit beide Limburgen, Zwolle

kassij, ketsij, kersij, zn.: straatsteen, straatkei, straatweg, bestrate weg. Algemeen BN. Vlaams kassie, kallesie, kalsij(e), kassij(e). Mnl. cautsie, cauchie, cassie, calsië, kelchiede ‘straatweg’, Vnnl. cautsië ‘pavé’, cautsijtsteen ‘carreau de grez’ (Lambrecht), kautsije, kaussijde, kassije ‘straatweg’ (Kiliaan). Uit Opic. calcie, Pic. cauchie < Lat. calciata (via), afl. van calciare ‘met kalkcement bepleisteren’ (vgl. D. Straßenpflaster). Vgl. Fr. chaussée < Ofr. chauciee. De officiële Ndl. spelling kassei is etymologisch fout, het zou kassij moeten zijn.

F. Debrabandere (2010), Brabants etymologisch woordenboek: de herkomst van de woordenschat van Antwerpen, Brussel, Noord-Brabant en Vlaams-Brabant, Zwolle

kassij, zn.: straatsteen, straatkei, straatweg, bestrate weg. Vlaams kassie, kallesie, kalsij(e), kassij(e). Mnl. cautsie, cauchie, cassie, calsië, kelchiede ‘straatweg’, Vnnl. cautsië ‘pavé’, cautsijtsteen ‘carreau de grez’ (Lambrecht), kautsije, kaussijde, kassije ‘straatweg’ (Kiliaan). Uit Opic. calcie, Pic. cauchie < Lat. calciata (via), afl. van calciare ‘met kalkcement bepleisteren’ (vgl. D. Straßenpflaster). Vgl. Fr. chaussée < Ofr. chauciee. De officiële Ndl. spelling kassei is etymologisch fout, het zou kassij moeten zijn.

F. Debrabandere (2007), Zeeuws etymologisch woordenboek: de herkomst van de Zeeuwse woorden, Amsterdam

kallesie, kassie zn. v.: straatkei, straatsteen; straatweg. Ook Wvl. kalsie, kassie, Ovl. kalsij(e), kassij(e), Belgisch Ndl. kassei. Mnl. cautsie, cauchie, cassie, calsië, kelchiede ‘straatweg’, Vnnl. cautsië ‘pavé’, cautsijtsteen ‘carreau de grez’ (Lambrecht), kautsije, kaussijde, kassije ‘straatweg’ (Kiliaan). 1423, 1424 kelchiedesteenen, kelchietsteenen, Kortrijk (Debrabandere 2002); 1730 de Cortrycxschen chalchijdewegh, Gent (LC). Uit Opic. calcie, Pic. cauchie < Lat. calciata (via), afl. van calciare ‘met kalkcement bepleisteren’ (vgl. D. Straßenpflaster). Vgl. Fr. chaussée < Ofr. chauciee. De officiële Ndl. spelling kassei is etymologisch fout, het zou kassij moeten zijn. Afl. kallesieën ‘bestraten’. Samenst.: kallesiekei, kallesiesteen, kallesiester, kallesieweg.

F. Debrabandere (2005), Oost-Vlaams en Zeeuws-Vlaams etymologisch woordenboek: de herkomst van de Oost- en Zeeuws-Vlaamse woorden, Amsterdam

kalsij(e) (B, G, W, ZO), kallesie (ZV), kassie (ZV), kassij(e) (Al, G, W, ZO), katsie (ZO), zn. v.: straatsteen, straatkei, straatweg, bestrate weg. Mnl. cautsie, cauchie, cassie, calsië, kelchiede 'straatweg', Vnnl. cautsië 'pavé', cautsijtsteen 'carreau de grez' (Lambrecht), kautsije, kaussijde, kassije 'straatweg' (Kiliaan). 1423, 1424 kelchiedesteenen, kelchietsteenen, Kortrijk (WVEW); 1730 de Cortrycxschen chalchijdewegh, Gent (LC). Uit Opic. calcie, Pic. cauchie < Lat. calciata (via), afl. van calciare 'met kalkcement bepleisteren' (vgl. D. Straßenpflaster). Vgl. Fr. chaussée < Ofr. chauciee. De officiële Ndl. spelling kassei is etymologisch fout, het zou kassij moeten zijn.

A.A. Weijnen (2003), Etymologisch dialectwoordenboek, Den Haag

kassei straatweg (Zuid-Nederland). « pic. cauchée (= fra. chaussee ~ fra. chaux ‘kalk’). Grondbetekenis dus: met kalk (en steen) bedekt.
NEW 307.

kauschie trottoir (Frans-Vlaanderen). = kassei ↑.
Marteel 427.

F. Debrabandere (2002), West-Vlaams etymologisch woordenboek: de herkomst van de West-Vlaamse woorden, Amsterdam

kalsie, kassie, zn. v.: straatweg, bestrate weg. Mnl. cautsie, cauchie, cassie, calsië, kelchiede ‘straatweg’, Vroegnnl. kautsije, kaussijde, kassije ‘via strata’ (Kiliaan). Vgl. 1423 Heinricke den Kelchiedere... de Dornicstrate te kelchiedene, Kortrijk (KW); 1423 jeghen Janne Bruneel... kelchiede steenen; 1424 Simoen vanden Berghe ... kelchietsteenen, Kortrijk (OWW). Uit Opic. calcie, Pic. cauchie < Lat. calciata (via) < calciare ‘met kalk-cement bepleisteren’ (vgl. D. Straßenpflaster). Vgl. Fr. chaussée < Ofr. chauciee. De officiële spelling kassei is etymologisch fout, het zou kassij moeten zijn.

Thematische woordenboeken

N. van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

kassei (Picardisch cauchie)
Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

kassei straatsteen 1300 [MNW] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal