Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

juli - (zevende maand van het jaar)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

juli zn. ‘zevende maand van het jaar’
Mnl. eerst in de Latijnse vorm: julius der manet ‘de maand juli’ [1253; CG II, Gez.reg.], toten eersten dach van iulius [1285; CG II, Rijmb.], dan jule, julij in jnde Maent van Jule [1286; CG I, 1131], int selve iaer den XXVIIIsten dach der maent julij ‘in dat jaar op 28 juli’ [1460-80; MNW-R].
Ontleend aan de Latijnse maandnaam iūlius (genitief iūlii), zelfstandig gebruik van het bn. in de verbinding mēnsis iūlius ‘Juliusmaand’, waarin Iūlius de naam is van de Romeinse staatsman en veldheer Gaius Iulius Caesar (100-44 v. Chr.). Caesar voerde in 46 v. Chr. een nieuw kalendersysteem in met 365 dagen op basis van het zonnejaar, i.p.v. 355 dagen op basis van het maanjaar van 12 maanomwentelingen. Met een kleine wijziging door paus Gregorius XIII in 1582 is deze juliaanse kalender tot op de dag van vandaag in de westerse wereld de gebruikelijke. Na Caesars dood in 44 v. Chr. werd zijn geboortemaand omgedoopt tot Iūlius.
De Latijnse vorm Julius, en vooral de verbogen vormen Julij (genitief) en Julio (datief), waren nog tot in de 19e eeuw zeer gebruikelijk.
De oude Latijnse naam voor deze maand was Quin(c)tilis, letterlijk ‘de vijfde (maand)’, een overblijfsel uit de tijd dat de Romeinen nog een tienmaandig kalenderjaar hanteerden, dat begon met de maand maart, zie ook → januari. In het Nederlands was in het verleden hooimaand gebruikelijker dan juli: onl. haymanoth [ca. 1050; CG II-1, 122], mnl. hoimant [1240; Bern.], hoiemaent [1265; CG I, 87]), zo genoemd omdat de belangrijke agrarische activiteit van het hooien veelal in deze maand plaatsvond of begon.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

juli [zevende maand] {iulium 1050, jule 1286} < latijn (mensis) Iulius, mensis [maand], Iulius [van Julius (Caesar)]; de maand heette oorspr., als 5e maand van het jaar, (mensis) Quin(c)tīlis, van quintus (oud quinctus) [vijfde], van quinque [vijf] (vgl. kwint), maar werd in 44 v. Chr. vernoemd naar Julius Caesar, die in die maand was geboren (vgl. januari).

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

juli znw. m. < lat. Julius, heette oorspr. in Rome Quintilis — de 5de maand na Maart, waarmee het jaar oudtijds aanving, maar ter ere van Julius Caesar, die de hervorming van de kalender doorvoerde, naar hem Julius genoemd.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

juli znw. Oorspr. gen. enk. van lat. Jûlius, evenzoo Januari, Juni, Februari van Jânuârius, Jûnius, Februârius. NB. In data staat de maandnaam in ’t Lat. in den gen.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

Juli m., Lat. id., genit. van Julius. genoemd naar Julius Caesar, die in deze maand geboren werd.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2007), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Supplement, Stellenbosch

Julie s.nw.
Sewende maand van die jaar.
Uit Ndl. Juli (Mnl. Jule).
Ndl. Juli uit die Latynse maandnaam Julius, so genoem na Gaius Julius Caesar wat in dié maand gebore is. Die woord is in Ndl. in die genitiefsvorm oorgeneem uit Latynse dagtekeninge.
D. Juli, Eng. July.

S.P.E. Boshoff en G.S. Nienaber (1967), Afrikaanse etimologieë, Die Suid-Afrikaanse Akademie vir Wetenskap en Kuns

July: m. Eng. uitspr. in Afr. dui op die jaarlikse perdewedrenne in Juliemaand (Eng. July) in Durban (nie by WAT nie).

Thematische woordenboeken

N. van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

juli (Latijn (mensis) Iulius)

E. Sanders (1993), Eponiemenwoordenboek: Woorden die teruggaan op historische personen, Amsterdam

juli, zevende maand
Op 1 januari 45 v.Chr. trad de zogeheten Juliaanse kalender in werking. De oude Romeinse kalender liep op dat moment drie maanden achter op de werkelijkheid.
Een jaar eerder had Julius Caesar de Alexandrijnse sterrenkundige Sosigenes gevraagd een oplossing voor dit probleem te bedenken. Hij stelde voor bij wet te regelen dat de jaren voortaan 365 dagen zouden tellen met om de vier jaar een schrikkeljaar van 366 dagen. Om de achterstand in te halen werd het jaar 45 v.Chr. opgerekt tot 445 dagen.
De invoering van de Juliaanse kalender was van groot belang. Dat vonden ook de tijdgenoten van Caesar en ter ere van de Romeinse staatsman werd de maand waarin hij was geboren in 44 v. Chr. omgedoopt tot Julius. De oude naam luidde Quintilis, ‘de vijfde’, aangezien het Romeinse jaar ooit in maart begon. In de middeleeuwen verdrong juli de oude Nederlandse naam, hooimaand, die was ingevoerd door Karel de Grote.
Gaius Julius Caesar werd op 12 of 13 juli 100 v.Chr. geboren. Er bestaat geen enkel bewijs voor het door Plinius in omloop gebrachte verhaal dat hij werd gehaald met behulp van de ingreep die zijn naam draagt: de sectio caesarea ofwel de keizersnede. Die ingreep, in het Nederlands eerst bekend als keizerlijke snede, heet in feite zo naar de Lex Caesarea, de onder Julius uitgevaardigde wet die bepaalde dat na de dood van een zwangere vrouw de vrucht door een buiksnede moest worden verwijderd voor zij mocht worden begraven.
Behalve een groot strateeg en een sluw politicus die tientallen miljoenen aan steekpenningen uitgaf, was Julius Caesar een zeer begaafd stilist. Hij schreef een taaltheoretisch werk waarin hij pleitte voor een streng rationeel taalgebruik, zonder ongebruikelijke en dichterlijke woorden. Zijn eigen koele, scherpe, sobere stijl geldt sinds eeuwen als voorbeeld van het klassieke ‘zuivere’ Latijn. Ook zijn bondigheid is beroemd: ooit kalmeerde hij een groep muitende soldaten die burgerrecht eisten met een toespraak van één woord: ‘Quirites’, dat wil zeggen: ‘Romeinse burgers’.
Caesar werd op 15 maart 44 v.Chr. vermoord. De naam caesar werd door zijn opvolgers, te beginnen met Augustus, als een eretitel overgenomen en zou uiteindelijk als keizer in het Nederlands terechtkomen, als Kaiser in het Duits en als tsar in het Slavisch.
Dat Augustus (z.a.) de maand die naar hem werd genoemd met een dag verlengde om er niet minder te hebben dan juli, is een fabeltje. Dat geldt ook voor de bewering dat juni zo is genoemd naar Lucius Junius Brutus, de eerste consul van Rome.
Wel probeerden nog twee andere ‘Caesars’ de maandnamen te veranderen : tijdens het korte bewind van Caligula [37-41] heette september naar diens vader Germanicus. Keizer Domitianus [51-96] verordende dat oktober voortaan naar hem Domitianus moest worden genoemd. Maar na de dood van deze keizers keerden de oude maandnamen terug.
In 1582 werd de Juliaanse kalender bijgesteld. Door een kleine rekenfout was er een achterstand van elf dagen ontstaan, zodat paus Gregorius XIII [1572-1585] besloot de kalender in dat jaar van 2 naar 14 september te laten springen. Sindsdien leeft het Westen volgens de gregoriaanse kalender. Er zijn echter nog altijd landen waar orthodoxe christenen de Juliaanse kalender gebruiken.

T. Pluim (1922), Wetenswaardig allerlei: bijdragen tot algemeene kennis voor studeerenden bijeenverzameld door T. Pluim, Groningen

Juli (Lat.: Julius) heette bij de Romeinen oorspronkelijk Quintilis, d. i. de 5e maand (daar bij de Romeinen aanvankelijk het jaar met Maart begon), doch ter eere van Julius Caesar, die in deze maand geboren was, werd de naam in Juli veranderd.

T. Pluim (1911), Keur van Nederlandsche woordafleidingen, Purmerend

Juli, Lat. Julius, naar J. Caesar, die in deze maand geboren was.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

juli ‘zevende maand’ -> Indonesisch Juli, Yuli ‘zevende maand’; Javaans juli ‘zevende maand’; Madoerees juli ‘zevende maand’; Makassaars jûli ‘zevende maand’; Minangkabaus juli, yuli ‘zevende maand’; Nias yuli ‘zevende maand’; Soendanees Juli ‘zevende maand’; Singalees jūli ‘zevende maand’; Negerhollands julie, julij ‘zevende maand’; Papiaments yüli; yülei ‘zevende maand’; Sranantongo jüli, juli ‘zevende maand’; Sarnami julái ‘zevende maand’ (uit Nederlands of Engels).

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

juli zevende maand 1286 [CG I Brugge] <Latijn

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal