Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

internet - (wereldwijd computernetwerk)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

internet zn. ‘wereldwijd computernetwerk’
Nnl. elektronische media zoals kabelkranten en Internet [1992; Sanders 2000].
Ontleend aan Engels internet [1974; OED], verkorting van ouder internetwork ‘verbindend netwerk’, uit → inter- ‘tussen-’ en network, zie → netwerk.
Internet is ontstaan uit een samenvoeging van oudere, kleinere computernetwerken van het Amerikaanse leger en Amerikaanse universiteiten. Het werd meestal met een hoofdletter geschreven, maar met de ontdekking van Internet door het grote publiek in de jaren 1990 verloor het fenomeen zijn exclusiviteit en het woord zijn hoofdletter. Hierna ontstond een groot aantal samenstellingen met internet-.
Een van de belangrijkste toepassingen waarvoor men Internet gebruikt, werd het World Wide Web, een gestandaardiseerd informatieuitwisselingssysteem, zie → web. Door betekenisoverdracht is internet hier een synoniem voor geworden.
Lit.: E. Sanders (2000), De taal van het jaar, editie 2000, Amsterdam

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

internet s.nw.
Versamelnaam vir alle funksies, dienste en inligting wat binne die web vervat is en elektronies aan gebruikers beskikbaar gestel word.
Uit Eng. internet (laat-20ste eeu).
Die stelsel word so genoem omdat dit rekenaarnetwerke wêreldwyd integreer en die onderlinge uitruil van kennis mntl. maak.

Thematische woordenboeken

N. van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

internet
Dateringen of neologismen

Nicoline van der Sijs (2015-heden), Jaarwoordenzoeker ‘Een woord uit elk jaar 1800-heden’, zie ook bij Onze Taal

internet [wereldwijd computernetwerk] (1991). In 1991 komt het woord internet voor het eerst in het Nederlands voor. De komst van het internet levert in de jaren die volgen een groot aantal Engelse leenwoorden op, zoals bookmark, browser, cookie, cyberspace, homepage, hyperlink, webcam, weblog en website. In hetzelfde jaar wordt voor het eerst het woord e-mail in het Nederlands aangetroffen: dit digitale, elektronische postverkeer wordt vooral na 1995 op grote schaal gebruikt, en leidt tot nieuwe woorden als attachment, junkmail, provider en spam.

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

internet wereldwijd netwerk van computers 1992 [Sanders 2000] <Engels

M. De Coster (1999), Woordenboek van Neologismen: 25 jaar taalaanwinsten, Amsterdam

Internet, het grootste computer-communicatienetwerk ter wereld, waardoor gecommuniceerd kan worden tussen verschillende onderzoeksgroepen en personen. Van oorsprong een militaire uitvinding, in de jaren zestig opgezet door het Pentagon om Amerika te laten overleven als een atoomaanval een deel van het computersysteem zou uitschakelen. Gaandeweg maakten ook universiteiten er gebruik van. Rond 1994 werd het aantal gebruikers geschat op rond de 40 miljoen, en dit op 11.000 netwerken in 70 landen. Merk op dat het woord in deze betekenis steeds met een hoofdletter geschreven wordt. Zo niet, dan slaat het op om het even welk netwerk.

De Stones beschikken zelfs over hun eigen adres op Internet, waar souvenirs kunnen worden besteld. (Oor, 03/12/94)
Op het Internet — het wereldwijde netwerk waarop meer dan dertig miljoen computers zijn aangesloten — werden al ‘sniffer-programma’s ontdekt in knooppunten waar lijnen elkaar kruisen. (Knack, 04/01/95)
Minister Kinkel hield vorige week vanachter zijn bureau een on-line-conferentie voor de 2,5 miljoen Internet-abonnees die Duitsland inmiddels rijk is. (Elsevier, 28/01/95)
Zit u al op Internet? De informatie-snelweg wordt in razend tempo populair en er komen steeds meer Internet-providers. (PC Active, februari 1995)
De eerste, Amerikaanse crimineel gaf zichzelf vorige maand aan in Guatemalastad nadat een plaatselijke Internet-gebruiker hem had herkend van een foto die de FBI via het Net had verspreid. (Elsevier, 08/06/96)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal