Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

ijsberg - (drijvende ijsmassa)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

ijs zn. ‘bevroren water; bevroren melkgerecht’
Mnl. ijs ‘bevroren water’ in is [1240; Bern.], datsi thijs breken ‘dat ze het ijs (de ijslaag op het water) breken’ [1287; CG II, Nat.Bl.D]; nnl. ‘gerecht van bevroren vruchtensap’ in ys en sieraadjen voor het desert ‘ijs met versiering voor het dessert’ [1793; WNT], later ook van bevroren room en in navolging daarvan van bevroren limonade.
Os. īs (mnd. īs); ohd. īs (nhd. Eis); ofri. īs (nfri. iis); oe. īs (ne. ice); < pgm. *īsan (o.); on. íss (nzw. is ‘natuurijs’) < pgm. *īsaz (m.).
Er zijn geen verwanten buiten het Germaans bekend. De vroeger wel voorgestelde verbinding met Iraanse vormen als Avestisch aēxa- ‘vorst, ijs’ en isu- ‘ijzig’ is uiterst onwaarschijnlijk. Hoewel de structuur van pgm. *īsa- Indo-Europese herkomst niet uitsluit (de te reconstrueren stam zou dan pie. *h1eis-o- of *HiHs-o- moeten zijn), wijzen betekenisveld en de afwezigheid van zekere verwanten buiten het Germaans eerder op herkomst uit een Noord-Europese substraattaal. Vennemann (2003: 347) wijst nog op Baskisch izoz- ‘vorst, ijs’.
Voor een oude verkleinwoordafleiding van ijs zie → ijzel. Voor een schijnbare afleiding die echter een geheel andere etymologie heeft, zie → ijzen ‘beven van angst’.
ijsberg zn. ‘drijvende ijsmassa in zee’. Mnl. ijsberch in Dit ijs ... moruwede ende brac ontwee, ende daer si hoopten die ijsmaren, so lagen si oft ijsbergen waren ‘het ijs verweekte en brak in tweeën, en waar de ijskwelgeesten zich ophoopten, daar lagen ze alsof het ijsbergen waren’ [1300-25; MNW-R]; vnnl. datter ijsberghen dreven, so groot als de soutbergen in Spangien zijn [1598; WNT verwonderen I], Willem Barentsz ... heefter zijn schip op de Ys-bergen laten staen [1612; WNT uiterst], ook ‘een met een ijsmassa (gletsjer) bedekte berg’ zoals bijv. in op een van de zeven grootste Ys-bergen ... wel drie uuren geklommen hebbende (over Spitsbergen) [1685; WNT zeulen], in die betekenis verouderd. Samenstelling met → berg 1. Aan het Nederlands ontleend is Engels iceberg ‘bergvormige ijsmassa op land’ [1774; OED], ‘ijsberg’ [1820; OED], waarin het tweede lid onvertaald is gebleven; volledige leenvertalingen uit het Nederlands zijn Duits Eisberg, Zweeds isberg, Deens isbjerg.
Lit.: Vennemann 2003, par. 10.2.2

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

ijsberg znw. m., mnl. ijsberch, typisch nl. woord dat overgenomen is in nhd. eisberg, ne. iceberg, nde. isbjerg, nzw. isberg.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

ijsberg ‘drijvende ijsmassa’ -> Engels iceberg ‘drijvende ijsmassa’; Duits Eisberg ‘drijvende ijsmassa’; Deens isbjerg ‘drijvende ijsmassa’; Zweeds isberg ‘drijvende ijsmassa’; Frans iceberg ‘drijvende ijsmassa’ <via Engels>; Italiaans iceberg ‘drijvende ijsmassa’ <via Engels>; Spaans iceberg ‘drijvende ijsmassa’ <via Engels>; Roemeens aisberg ‘drijvende ijsmassa’ <via Engels>; Russisch ajsberg ‘drijvende ijsmassa’ <via Engels>; Lets aisbergs ‘drijvende ijsmassa’ <via Engels>; Litouws aisbergas ‘drijvende ijsmassa’ <via Engels>; Grieks pagobouno /pagovoeno/ ‘drijvende ijsmassa’ <via Engels>; Maltees ajsberg ‘drijvende ijsmassa’ <via Engels>; Esperanto glacimonto ‘drijvende ijsmassa’ <via Duits>; Turks aysberg ‘drijvende ijsmassa’ <via Engels>; Perzisch kuh-e yax ‘drijvende ijsmassa’ <via Engels>; Papiaments ijsberg, eisbèrg ‘drijvende ijsmassa’.

N. van der Sijs (2006), Klein uitleenwoordenboek, Den Haag

ijsberg. In 1596 ontdekten Nederlanders onder leiding van Willem Barentsz een eilandengroep in de Noordelijke IJszee die ze de naam Spitsbergen gaven. De eilanden werden belangrijk door de walvisvangst in de omringende wateren. In 1614 werd de Noordse Compagnie opgericht, die het monopolie had op de walvisvangst en Engelse en Deense concurrentie wist te beperken. Op Spitsbergen richtte de Compagnie een eigen traankokerij op, Smeerenburg. Na de opheffing van de Compagnie in 1642 nam het aantal Hollandse schepen dat aan de walvisvangst deelnam sterk toe, net als het aantal Engelse en Duitse schepen.

De Nederlanders zagen tijdens hun tochten naar Spitsbergen ijsbergen in de poolzeeën. Zo schreef Zorgdrager in zijn Bloeijende Opkomst der Aloude en Hedendaagsche Groenlandsche Visschery uit 1727: 'Hun schip [...], door storm in volle zee tegen de IJsbergen geworpen.' De Nederlanders gaven dit natuurverschijnsel de naam ijsberg, een woord dat volgens het WNT voor het eerst in 1684 is aangetroffen, maar ongetwijfeld ouder is. De Engelsen namen het Nederlandse woord over in de vorm iceberg (zie illustratie 10). Ook het Duitse Eisberg is mogelijkerwijs ontleend aan het Nederlands, want het woord is in het Duits jonger dan in het Nederlands: het komt pas sinds de negentiende eeuw in het Duits voor. Maar helemaal zeker is de Duitse ontlening niet: het woord kan ook in het Duits zijn samengesteld uit Eis en Berg - die mogelijkheid bestaat voor het Engels niet, want in die taal is het woord berg onbekend.

Het Engelse woord iceberg, met het on-Engelse berg, is door diverse talen overgenomen, vergelijk Frans, Italiaans en Spaans iceberg. De oudste vorm in het Frans dateert overigens al uit 1715 en was geen Engels maar een Nederlands leenwoord, gezien de spelling ysbergh. Dit Nederlandse leenwoord werd in de negentiende eeuw door de Engelse vorm iceberg verdrongen. Russisch ajsberg, Lets aisbergs en Litouws áisbergas kunnen zowel ontleend zijn aan het Engels als aan het Duits.

In het Engels is the tip of the iceberg spreekwoordelijk geworden. Dit hebben wij letterlijk vertaald als het topje van de ijsberg, waarmee het Nederlandse woord er dankzij het feit dat het aan een andere taal is uitgeleend, een nieuw gebruik bij heeft gekregen.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal