Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

hymne - (plechtige lofzang)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

hymne zn. ‘plechtige lofzang’
Mnl. ymne, ymme, hymne ‘lofzang’, in die ymmene van onser Vrouwen ‘de hymne van onze (lieve) Vrouw’ [1300-25; MNW-R], met imnen, met zange mede ‘met hymnen en ook met zang’ [1300-50; MNW-R], dese maecte orisoene tracte ende ymnen scone ‘hij maakte mooie gebeden, gezangen en hymnen’ [1340-60; MNW-R].
Via Frans ymne, hymne ‘lofzang’ [ca. 1120 resp. 1200; Rey] ontleend aan Latijn hymnus ‘id.’ < Grieks húmnos ‘id.’, van onbekende verdere herkomst. Weinig wrsch. is verband met het qua vorm gelijkende woord humḗn ‘vlies’ (zie → hymen), waarbij men zou moeten denken aan een gemeenschappelijke betekenis ‘verbinden, vastmaken’ en hymne gezien wordt als ‘liedconstructie’.
De grondbetekenis van het woord is in de moderne talen nog dezelfde als in het Grieks, al is er meer variatie gekomen in wat bezongen wordt. De Grieken droegen hun hymnen op aan helden en goden, christelijke auteurs zongen hun hymnen vooral voor God; in de meer aardse betekenis werd het ‘lofzang op een persoon of zaak’ of ‘op een land of streek’.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

hymne [lofzang] {(h)ymne 1350} < frans hymne < latijn hymnus [idem] < grieks humnos [lied, meestal feestlied ter ere van mens of god], waarschijnlijk afgeleid van humèn [juichkreet bij het huwelijk, huwelijkszang], Humèn was de god van het huwelijk (vgl. hymen).

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

hymne znw. v., mnl. hymne, ymne, ymmene, ymme < fra. hymne of < lat. hymnus < gr. húmnos ‘gezang, lied; loflied’.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

hymne znw. Uit fr. hymne resp. lat. hymnus > gr. húmnos. Reeds mnl., gew. zonder h: ymne, ymme(ne) v. Ook in andere oudere en jongere germ. talen.

Thematische woordenboeken

N. van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

hymne (Frans hymne)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

hymne ‘lofzang’ -> Indonesisch himne ‘lofzang’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

hymne lofzang 1350 [MNW] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal