Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

haatzaaien - (aanzetten tot haat)

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2006), Klein uitleenwoordenboek, Den Haag

haatzaaien. In het Nederlands spreekt men van haat zaaien, ook wel aaneengeschreven als haatzaaien - geen van beide schrijfwijzen is opgenomen in het WNT, noch als zelfstandig naamwoord noch als werkwoord; wel is sinds de zeventiende eeuw sprake van twist of tweedracht zaaien, en van kwaad zaad zaaien 'ongenoegen of tweedracht verwekken'.

In het Indonesisch is haatzaai een rechtsterm waarmee wordt verwezen naar perspublicaties die de koloniale regering onwelgevallig waren. Vanaf 1914 werden in het Wetboek van Strafrecht voor Nederlandsch-Indië - dat in het Nederlands was gesteld - namelijk artikelen opgenomen die de regering de mogelijkheid gaven in te grijpen bij iedere vorm van nationalisme. Deze artikelen kregen in het Indisch-Nederlands vrijwel onmiddellijk de benaming haatzaai-artikelen, uiteraard gebaseerd op de Nederlandse verbinding haat zaaien (die in die periode in het Nederlands voor zover valt na te gaan niet veel werd gebruikt; ze is pas in 1950 opgenomen in de Grote Van Dale). De benamingen haatzaai-artikelen en haatzaai, met hun specifieke betekenis, werden overgenomen in het Indonesisch en in het Nederlands: in de Nederlandse pers heb ik die benaming in 1919 voor het eerst aangetroffen. Vanaf 1920 is tevens te lezen over haatzaaien, meestal, maar niet altijd, in relatie tot Indië. In de Nieuwe Rotterdamsche Courant van 16 september 1922 is onder het kopje 'buitenland' over haatzaai te lezen:

Het Wetboek van Strafrecht voor N.-I. [Nederlands-Indië] zegt: 'Hij die in het openbaar uiting geeft aan gevoelens van vijandschap, haat of minachting tegen een of meer groepen der bevolking van N.-I., wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van ten hoogste driehonderd gulden. Onder groep ... wordt verstaan elk deel van de bevolking van N.-I., dat zich door ras, landaard, godsdienst, herkomst, afstamming, nationaliteit of door staatsrechtelijken toestand onderscheidt van een of meer andere deelen van die bevolking.' Dit is het veritabele, en wijd-befaamde 'haatzaai'-artikel, en met een werkelijk gevoel van verlichting bevind ik, dat de term 'haat-zaaien tusschen de groepen der bevolking', waarmee het delict in de wandeling wordt aangeduid, tenminste niet in de wet staat.

In 1915 was in het toenmalige Indië een Comité van Actie tegen deze haatzaai-artikelen opgericht, onder anderen bestaande uit Nederlandse en Indonesische journalisten. In 1929 werd Soekarno, de leider van de Partai Nasional Indonesia, gevangengezet op grond van de haatzaai-artikelen. Toen hij echter later aan de macht was gekomen, veroordeelde hij zelf politieke dissidenten op grond van deze artikelen, en ook zijn opvolger Suharto maakte na zijn aantreden in 1968 dankbaar gebruik van deze Nederlandse erfenis om politieke tegenstanders de mond te snoeren. Het met dezelfde naam aangeduide wetsartikel wordt zelfs nu nog in Indonesië gebruikt. Het is opgenomen in het Indonesische Wetboek van Strafrecht, het Kitab Undang-undang Hukum Pidana, dat is gebaseerd op het oudere Wetboek van Strafrecht voor Nederlandsch-Indië. Rond 1970 werd het betreffende artikel nog in het Nederlands geciteerd; na de vertaling van het wetboek niet meer, hoewel de Nederlandse tekst nog steeds de geautoriseerde tekst is.

Andere talen hebben de Indonesische rechtsterm haatzaai soms overgenomen, maar altijd met een nadere verklaring; het is in bijvoorbeeld het Duits, Spaans, Engels of Frans beslist geen bekend leenwoord. Als voorbeeld kan het Jaarrapport 2002 van Amnesty International gelden, waarin in het Frans te lezen is:

Au moins 13 personnes ont été condamnées à des peines d'emprisonnement pour avoir exprimé sans violence leur opinion. Parmi elles figuraient des indépendantistes de Papouasie et de l'Aceh [...]. Plusieurs d'entre elles ont été reconnues coupables au titre des Haatzaai Artikelen (articles relatifs à la propagation de la haine) du Code pénal, qui prohibent toute propagation de la haine à l'égard du gouvernement.
(Minstens dertien personen zijn veroordeeld tot gevangenisstraf omdat zij hun mening geweldloos tot uiting brachten. Onder hen bevonden zich onafhankelijkheidsstrijders van Papua en Aceh [...].Verschillende onder hen werden schuldig bevonden op grond van de Haatzaai Artikelen uit het Wetboek van Strafrecht, die iedere verbreiding van haat jegens de regering verbieden.)

Het begrip haatzaai als juridische term is dus in Nederlands-Indië gevormd, en die vorm is in het Nederlands overgenomen. Wanneer er in de Nederlandse pers in de twintigste eeuw gesproken werd van haatzaai, sloeg dit telkens op de situatie in Nederlands-Indië. Sinds het begin van de eenentwintigste eeuw verwijst haatzaai echter naar Nederlandse toestanden. In 2002 werd imam Fawaz van de moskee in Den Haag ervan beticht 'haatzaaiende preken' te hebben gehouden - preken waarin tot geweld wordt opgeroepen tegen 'de vijanden van de islam'. Later werden ook andere imams hiervan beschuldigd. Haatzaai moet bij de wet verboden worden, vonden diverse politici, onder wie Pim Fortuyn. De moord op hem gaf de verbreiding van het begrip haatzaai in Nederland een nieuwe impuls: op 14 mei 2002 deden de juristen Spong en Hammerstein aangifte wegens het 'haat zaaien' van diverse politici, waardoor die zouden hebben bijgedragen aan het scheppen van een sfeer waarin de moord op Pim Fortuyn mogelijk werd. In de kranten was onmiddellijk sprake van 'de haatzaai-aangifte'. Artikel 137d uit het Wetboek van Strafrecht, dat aanzetten tot haat, discriminatie of geweld wegens ras, godsdienst, levensovertuiging, geslacht of seksuele geaardheid strafbaar stelt, wordt sindsdien 'het haatzaai-artikel' genoemd - een aardige parallel met de Indonesische benaming.

Sinds 2002 staat haatzaai hoog op de politieke agenda en is er regelmatig in de Nederlandse pers sprake van haatzaai-campagnes, haatzaai-uitzendingen, haatzaai-discussies en dergelijke. In januari 2005 verscheen een nota van de Tweede Kamerfractie van het cda met onder andere het voorstel om haatzaaiers burgerrechten te ontnemen. Ik vermoed dat weinigen zich realiseren dat het woord haatzaai als juridisch begrip oorspronkelijk in Nederlands-Indië is gevormd - het woord als zodanig staat overigens noch in het Indonesische noch in het Nederlandse Wetboek van Strafrecht, en bezit dan ook geen sluitende definitie. Het is niet uitgesloten dat het woord in de eenentwintigste eeuw in het Nederlands onafhankelijk van het eerdere gebruik in Nederlands-Indië is gevormd, als verkorting van het inmiddels ingeburgerde haatzaaien. Het succes van het woord haatzaai zal mede te danken zijn aan het feit dat het goed 'bekt' en aan de kortheid ervan. Die past helemaal binnen een algemeen streven naar eenvoud en efficiëntie in de woordenschat die in de tweede helft van de twintigste eeuw opgang heeft gemaakt en die bijvoorbeeld blijkt uit de vorming van nieuwe afleidingen zoals de ophaal en de overblijf in plaats van het ophalen en het overblijven. Tot slot past haatzaai bij allerlei nieuwe woorden met als eerste deel haat, die in deze nog zo jonge eeuw zijn gemaakt, denk aan haatklacht, haatmail, haatpost.

Dateringen of neologismen

Nicoline van der Sijs (2015-heden), Jaarwoordenzoeker ‘Een woord uit elk jaar 1800-heden’, zie ook bij Onze Taal

haat zaaien [haat veroorzaken] (1914). Vanaf 1914 worden in het Wetboek van Strafrecht voor Nederlandsch-Indië – dat in het Nederlands is gesteld – artikelen opgenomen die de regering de mogelijkheid geven in te grijpen bij iedere vorm van nationalisme. Deze artikelen krijgen in het Indisch-Nederlands vrijwel onmiddellijk de benaming haatzaai-artikelen, uiteraard gebaseerd op de Nederlandse verbinding haat zaaien. De benamingen haatzaai-artikelen en haatzaai, met hun specifieke betekenis, worden overgenomen in het Indonesisch en in het Nederlands: in de Nederlandse pers is die benaming in 1919 voor het eerst aangetroffen. Het als haatzaai-artikel aangeduide wetsartikel wordt zelfs nu nog in Indonesië gebruikt.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal