Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

folio - (boekformaat)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

folio [blad van een boek, boekformaat] {1599} < middeleeuws latijn in folio [op (het formaat van) een (eenmaal gevouwen) vel papier], van latijn in [in, op] + folio, 6e nv. van folium [blad (van een plant), laat-lat. ook: blad papier] (vgl. foelie, folie).

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

F. Debrabandere (2007), Zeeuws etymologisch woordenboek: de herkomst van de Zeeuwse woorden, Amsterdam

folio, in uitdr.: in volle fleur, keurig netjes, in de puntjes. Afgeleide bet. van Ndl. in folio ‘in groot formaat, in het kwadraat, bij uitstek’, naar het grote folioformaat van een boek of register. Lat. folio, datief van folium ‘blad’, na vz. in.

F. Debrabandere (2005), Oost-Vlaams en Zeeuws-Vlaams etymologisch woordenboek: de herkomst van de Oost- en Zeeuws-Vlaamse woorden, Amsterdam

folio, in (ZV), uitdr.: in volle fleur, keurig netjes, in de puntjes. Afgeleide bet. van Ndl. in folio 'in groot formaat, in het kwadraat, bij uitstek', naar het grote folioformaat van een boek of register. Lat. folio, datief van folium 'blad', na vz. in.

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

folio s.nw.
1. Boekformaat. 2. Vel papier wat een maal gevou is.
Uit Ndl. folio (1599 in bet. 1, 1861 in bet. 2).
Vgl. foelie.

Thematische woordenboeken

N. van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

folio (Latijn folio)

T. Pluim (1922), Wetenswaardig allerlei: bijdragen tot algemeene kennis voor studeerenden bijeenverzameld door T. Pluim, Groningen

Folio, zie duodecimo. Een foliant is een boek in folio, in groot formaat, bijv. Statenbijbels, Hoofts “Ned. Historiën,” sommige uitgaven van Cats, enz.

W. de Vreese (1899), Gallicismen in het Zuidnederlandsch, Gent

in-folio, in-octavo, in-quarto enz. - Men zegt in het Nederlandsch niet in-folio, in-octavo, in-quarto enz., zooals in het Fransch, maar eenvoudig folio, octavo, groot-octavo, duodecimo enz. || De 8 bladzijden ... groot in-8° aan de dorre ontleding van het gedicht de Vlaamsche Zangberg in ’t jaar 30, gewijd, L. WILLEMS in Nederl. Mus. 37, 132.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

folio ‘boekformaat’ -> Indonesisch folio, polio ‘boek-, papierformaat van ongeveer 33x21,5 cm’; Madoerees fōliyō ‘boekformaat’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

folio boekformaat 1599 [WNT alphabet] <ME Latijn

Idioomwoordenboeken

F.A. Stoett (1923-1925), Nederlandsche Spreekwoorden, Spreekwijzen, Uitdrukkingen en Gezegden, drie delen, 4e druk, Zutphen

578. In folio,

alleen voorkomende in uitdrukkingen als: een gek, een dwaas in folio, d.w.z. een groote gek, een groote dwaas; ook een gek in kubiek, in het quadraat; hd. ein Narr in folio. De uitdrukking is ontleend aan den boekhandel, waar men spreekt van eene uitgaaf in folio (formaat), hetgeen wil zeggen, dat het vel papier slechts eens is toegevouwen en vier bladzijden heeft (vgl. Schulz, 221). Dit is het grootste formaat voor een boek, dat dan een foliant heet; vandaar dat in folio de bovengenoemde beteekenis heeft gekregen van groot. Sedert de 17de eeuw gebruikelijk; zie Gew. Weuw 2, 44: Hoeren in folio; V. Moerk. 578: 't Is een oogendienster in folio; en verder Spaan, 202; Plaiz. Kyv. 108; Rusting, 67; 88; 211; Willem Leevend IV, 328: Hy is een Landstads petitmaitre, in groot folio; Van Effen VII, 74; Lvl. 228: Al vin ik je in de grond van m' hart 'n groot-folio lammeling. Bij Langendijk, de Wiskonstenaars of 't gevluchte juffertje komt voor: een gek in quarto, eveneens eene uitdr. aan den boekhandel ontleendNoord en Zuid XXI, 377.. Van zaken gezegd komt het voor bij Tuinman I, 182: t Was de mode by de Spaansche Grooten, dat ze met een bril in folio op den neus over straat gingen pronken.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal