Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

ere - (dorsvloer)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

ere, eer [dorsvloer] {eren, ere [vloer, bodem, dorsvloer] 1351-1400} < oudfrans, frans aire [idem] < latijn area [opengelaten vlakke ruimte, dorsvloer], vermoedelijk van arēre [droog zijn].

neer1 [dorsvloer] {1872} van middelnederlands ere(n) [vloer, dorsvloer] {1300} < latijn area [onbebouwde open ruimte, dorsvloer]; de n is overgenomen uit het voorgevoegde lidw. in de verbogen nv.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

neer 1 v. (dorschvloer), Kil. neere, met prothet, n uit *ere, gelijk Ohd. ero (Mhd. ern. Nhd. ähren), van Lat. area = dorschvloer.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

F. Aarts (2017), Etymologisch Dictionairke vaan ’t Mestreechs, Maastricht

here verouderd, (zn.) voorhuis, ruimte voor toonbank; < Frans aire.

F. Debrabandere (2011), Limburgs etymologisch woordenboek: de herkomst van de woorden uit beide Limburgen, Zwolle

nere, here, heert, zn.: dorsvloer, vloer van keuken of woonruimte; woonkamer; portaalgang, voorportaal. Br. eren, neren ‘vloer, m.n. dorsvloer; stal’; Rijnl. Ären, Ern ‘geplaveide gang’. Mnl. eren ‘vloer, bodem, dorsvloer’,Vnnl. ere, aere ‘area, pavimentum’ (Kiliaan). Ofr., Fr. aire ‘dorsvloer’ < Lat. area ‘dorsvloer’. Nere door metanalyse, here, heert met hypercorrecte h. Samenst. schuurnere ‘dorsvloer in de schuur’.

F. Debrabandere (2010), Brabants etymologisch woordenboek: de herkomst van de woordenschat van Antwerpen, Brussel, Noord-Brabant en Vlaams-Brabant, Zwolle

eren 1, neren, zn.: vloer, m.n. dorsvloer; stal. Mnl. eren ‘vloer, bodem, dorsvloer’,Vnnl. ere, aere ‘area, pavimentum’ (Kiliaan). 1776 ere, nere, dorsch-ere, Meierij (Heeroma). Ofr., Fr. aire ‘dorsvloer’ < Lat. area ‘dorsvloer’. Neren door metanalyse. Samenst. nerenband ‘tasmuurtje’, met band uit wand door wisseling van de bilabalen b/w. Vgl. denneband, deelband.

A.A. Weijnen (2003), Etymologisch dialectwoordenboek, Den Haag

ere, eren (met metanalytische n) nere, (in ss.) schuurere, dorsere dorsvloer, koestal, gang, voorste ruimte van het huis (Zuid-Nederland). Via het Romaans (vgl. fra. aire ‘dorsvloer’) « lat. area ‘dorsvloer enz.’. Wschl. ≠ ono. arinn ‘haard’, gezien de geografische verbreiding.
Weijnen 1975, 199, Roukens 112-118 en krt. 4 en 23, WBD 129, 73, 76-77.

Thematische woordenboeken

N. van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

neer ‘dorsvloer’ (van Latijn area)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal