Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

Eembrugge - (geografische naam)

Thematische woordenboeken

G. van Berkel & K. Samplonius (2018), Nederlandse plaatsnamen verklaard

Eembrugge (Baarn, U)
1254 in orientale parte ecclesie de Ema1, 1254 in orientale parte Eme2, 1300 or van Emebrucge3, 1346 Eembrugghe4, 1349 tot zinen huyse ter Eembrugghe5, 1388 van der Emebruggen, Eembrugge6, 1394 Eembrugghe7, 1665 Eem brug8, 1772 Eembrugge, of ter Eem9, 1843 EEMBRUGGE of Ter-Eem10; brug 'verbinding over een water', hier over de Eem op de weg van Baarn naar Bunschoten. Deze waternaam (777 kopie super alueum Hemi, 1012-1018 kopie ab aqua Ema nominata11, 1239 in fluvium qui dicitur Eme12) is ontstaan uit Germaans *amjô-13 c.q. *ami-14, bij Indo-Europees *am- 'rivierbedding, waterloop', dat nog voortleeft in mnl. ame 'natuurlijke waterloop' en het Drentse werkwoord beëmen 'bevloeien'. De nederzetting ontstond op een zandbult bij een voorde door de Eem. Op het eind van de 12e eeuw werd hier een brug gelegd. Eembrugge kreeg stadsrechten tussen 1336 en 1340 van bisschop Jan van Diest. Het was een belangrijke plaats tot 1527, toen het werd verwoest door de Geldersen.
Lit. 1OSU 1322, 2Idem 1321, 3Idem 2992, 4BMHG 22 (1901) 252, 5Van Mieris II 759, 6RRU 701, 705, 7Maris 1956 26, 8krt Blaeu, 9Tegenwoordige Staat 11 255, 10Van der Aa 4 48, 11Künzel e.a. 1989 123, 12OSU 943, 13Gysseling 1959 10, 14Schönfeld 1955 44.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal