Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

decreet - (verordening, besluit)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

decreet zn. ‘verordening, besluit’
Vmnl. decreten (mv.) ‘pauselijke besluiten’ [1240; Bern.], paues Hildebrants decreten ‘de besluiten van paus Hildebrant’ [1300-25; MNW-R], decreet ‘wetsbepaling’ [1340-60; MNW-R], Gods decreet ‘Gods besluit’ [1393-1402; MNW-R]; vnnl. decreet der gemeynen schepenen ‘besluit, bevel van alle schepenen’ [1533; Stall.], decret ‘verordening, besluit’ [1548; Stall.].
Wrsch. rechtstreeks ontleend aan Latijn dēcrētum ‘verordening, besluit van hogerhand, het beslotene’, verl.deelw. van dēcernere ‘scheiden, onderscheiden’, gevormd uit de- ‘opzij, uiteen’ (zie → de-) en het werkwoord cernere ‘scheiden, besluiten’ (zoals ook in → concern, → discreet, → secreet 1; Indo-Europees verwant met → rein). Bij een spelling decret is ook invloed van Frans décret < Latijn dēcrētum niet uit te sluiten.
decreteren ww. ‘verordenen, uitvaardigen’. Vnnl. decreteren “uitwinnen” [1535; Stall.], ‘uitvaardigen’ 1549; Stall.], ‘besluiten’ [1658; Meijer], ‘verordenen’ [1658; WNT vestigen]. Ontleend aan Frans décréter ‘bij verordening instellen’ [1382; Rey], ‘verordenen’ [1458; Rey], een afleiding van Frans décret ‘verordening’ < Latijn decretum.

EWN: ♦ decreteren ww. 'verordenen, uitvaardigen' (1535)
ANTEDATERING: mnl. confirmeren ende decreteren 'bevestigen en vaststellen' [1483; Boutillier, m1r]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

decreet [verordening] {1201-1250} < frans décret < latijn decretum, verl. deelw. van decernere [beslissen, besluiten] (vgl. decerneren).

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2007), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Supplement, Stellenbosch

dekreet s.nw.
Besluit of verordening van die owerheid.
Uit Ndl. decreet (al Mnl.).
Ndl. decreet uit Fr. décret uit Oudfrans decret uit Latyn decretum, decretus, met lg. van decernere 'beslis', 'n afleiding met de- van cernere 'skei, uitmekaar haal'. Een van die bet. in Mnl. was 'bevel ter uitvoering van 'n vonnis ter uitwinning van goedere'; die eienaar is dus met so 'n bevel van sy eiendom geskei.
D. Dekret (13de eeu), Eng. decree (1303), It. decreto, Port. decreto, Sp. decreto.

Thematische woordenboeken

N. van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

decreet (Latijn decretum)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

decreet ‘verordening’ -> Indonesisch dekrét, dekrit, dikrit ‘verordening’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

decreet verordening 1240 [Bern.] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal