Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

connaisseur - (kenner)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

connaisseur zn. ‘kenner’
Nnl. connaisseur ‘id.’ [1847; Kramers].
Ontleend aan Frans connaisseur, voor de 19e eeuw connoisseur < Oudfrans connoiseor [ca. 1170; Rey], afleiding van het werkwoord connaître ‘kennen’ < Latijn cōgnōscere ‘leren kennen’, gevormd uit → com- ‘samen’ en gnōscere later nōscere ‘leren kennen’, zie → gnosis en het verwante → kennen.
Ook de vorm connoisseur [1981; Kramers] komt voor, met pseudo-Franse uitspraak /konwaseur/, de vorm is echter schriftelijk overgenomen uit Engels connoisseur [1714; BDE], dat de oude Franse vorm met -oi- ontleend heeft.

EWN: connaisseur zn. 'kenner' (1847)
ANTEDATERING: Waarom word ik toch ook geen "connaisseur"? [1820; Graauwe mannetje, 47]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

connaisseur [kenner] {1847} < frans connaisseur, van connaître [kennen] < latijn cognoscere [leren kennen], van com [samen] + gnoscere (later noscere) [leren kennen].

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

connaisseur kenner 1847 [KKU] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal