Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

citer - (snaarinstrument)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

citer zn. ‘snaarinstrument’
Onl. cithara (nominatief), citharon (datief) [10e eeuw; W.Ps.]; mnl. cythara, cythaer [1469; MNW-P]; vnnl. syeter- in de samenstelling syetermakeerre ‘citherbouwer’ [1579; Claes 1994a], cyter, cythar [17e eeuw; WNT].
Via Latijn cithara ‘viersnarig instrument’ ontleend aan Grieks kithárā, voor de verdere herkomst zie → gitaar.
De naam is in de loop der eeuwen gebruikt voor antieke en buiteneuropese tokkelinstrumenten van verschillende vorm. In de 20e eeuw fungeert het woord in het Nederlands vooral als naam voor een plat, veelsnarig tokkelinstrument, dat oorspr. veel in de Alpenlanden voorkwam (Duits Zither).

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

citer [muziekinstrument] {1635, vgl. syetermakeerre 1579} < hoogduits Zithergitaar.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

citer znw. v., sedert de 17de eeuw < lat. cithara < gr. kíthara dat zelf < perz. sihtār ‘driesnarig instrument’.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

citer znw., sedert de 17. eeuw. Uit gr.-lat. cithara. Ook elders ontleend.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

citer v., uit Lat. citharam (-a), van Gr. kithára: z. gitaar.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

S.P.E. Boshoff en G.S. Nienaber (1967), Afrikaanse etimologieë, Die Suid-Afrikaanse Akademie vir Wetenskap en Kuns

siter II: snaarmusiekinstrument; Ndl. (l7e eeu) cit(h)er/cythar, Eng. cithara/cither(n)/cittern/zither, Hd. zither, Lat. cithara, Gr. kithara, hou verb. m. ghitaar/kitaar (q.v.).

Thematische woordenboeken

N. van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

citer (Latijn cithara)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

citer ‘snaarinstrument’ -> Indonesisch siter ‘snaarinstrument’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

citer snaarinstrument 1588 [Kil.] <Duits

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal