Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

carjacking - (autokaping)

Dateringen of neologismen

F. Bakker, E. van Ruijsendaal, P. Uljé, D. van Zijderveld, Vindpunt.nl – elektronisch doorzoekbare Woordenlijst Overbodig Engels met Nederlandse tegenhangers, uitgebreide en verbeterde voortzetting van de boekuitgaven Funshoppen in het Nederlands (2009) en Op-en-Top Nederlands (2015)

carjacking zn. Ontleend aan het Engels.
[alg.] = autokaping, autoroof. Ze rijden daar altijd met de portieren vergrendeld, omdat autoroof er schering en inslag is.

M. De Coster (1999), Woordenboek van Neologismen: 25 jaar taalaanwinsten, Amsterdam

carjacking (← Am.-Eng.; naar anal. van hijacking), het kapen van een auto, meestal op plaatsen met druk verkeer, door de bestuurder uit zijn wagen te sleuren. Deze trend werd begin jaren negentig geïmporteerd uit de VS en Brazilië. Weinig Engelse woordenboeken kennen het begrip. Toch was deze misdaad al in 1992 in Amerika uitgegroeid tot een ware epidemie, zodat de toenmalige president Bush zich genoodzaakt zag een wet te ondertekenen waardoor carjackers* kans maakten op vijftien jaar cel, en zelfs levenslang indien er doden vielen. Carjacking is volgens de politie vooral aantrekkelijk omdat het geen sporen van inbraak nalaat en omdat de dief zowel de sleutels als de papieren in handen krijgt. Afgeleide benamingen zijn autokaper, autoschuimer.

Het fenomeen ‘carjacking’, waarbij automobilisten aan verkeerslichten of bij het parkeren uit hun auto worden gesleurd, begint in Brussel angstaanjagende vormen aan te nemen. (Panorama/De Post, 05/02/93)
Los Angeles, Stad der Engelen, bestaat ruwweg uit twee delen: de Hemel en de Hel. De Hel heet Compton en South Central: het zwarte getto waar de rellen vorig jaar losbarstten. Daar zijn ook nu nog aan de orde van de dag: ‘carjackings’ (als je bij een verkeerslicht stopt, heb je de kans dat een ‘gangsta’ de loop van een pistool tegen je kop drukt en, na al dan niet een kogel door je hersens te hebben gejaagd, in dank het stuur overneemt)... (Nieuwe Revu, 02/06/93)
Trots vertellen de wethouders dat het die dag hun derde ‘carjacking’ was, dat de eerste twee succesvol waren en dat ze veel pret hadden bij het tot schroot rijden van de gestolen wagens. (De Morgen, 28/08/93)
Opmerkelijk is dat de politiestatistieken voor ’93 geen cijfers geven over ‘car-jacking’, het met geweld afhandig maken van een voertuig terwijl de bestuurder daarin zit dus. (De Morgen, 19/02/94)
De meeste verhalen betreffen inbraak of ‘carjacking’ — je stopt voor een stoplicht en wordt met een vuurwapen gedwongen je auto in te leveren. (Elsevier, 04/01/97)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal