Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

cake - (zachte koek)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

cake zn. ‘zachte koek’
Vnnl. keeks ‘soort poffertjes’ [17e eeuw; Vooys], att wat cake ‘at wat cake’ [1694; WNT Aanv.]; nnl. Engelsche keekjens ‘Engelse cakejes’ [1761; WNT Aanv.], kaakjes ‘pepernoten bij kinderspel’ [18e eeuw; Vooys], kaak(je) “(Engelsche) keeks, kaaks” [1828; Zierikhoven], cake [1886; Kramers].
Ontleend aan Engels cake [ca. 1420; OED], wrsch. < Oudnoords kaka ‘cake’, ablautend met Nederlands → koek.
Uit het Oudnoords zijn ontwikkeld: nzw. kaka, nijsl. kaka; nde. kage.
Dit woord is meerdere malen in het Nederlands ontleend, steeds in een verschillende vorm en betekenis. De meeste vormen zijn inmiddels weer verdwenen, maar zie → kaakje.
Lit.: C. de Vooys ‘Engelse invloed op het Nederlands’, in: Vooys 1925, 71-119; C. Zierikhoven (1828) Volkoomen Neerlandsch Kookkundig Woordenboek, Kampen

EWN: cake zn. 'zachte koek' (17e eeuw)
ANTEDATERING: kaek 'soort (zacht?) gebak' in: ... alle gebak, als "wafels", "panne koeken", ... "engelse kaeks", "pudding", en diergelyke [1683; Blankaart, 10-11]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

cake [zachte koek] {1886} < engels cake, verwant met koek.

Thematische woordenboeken

N. van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

cake (Engels cake)

L. Koenen, R. Smits (1992), Peptalk, De Engelse woordenschat van het Nederlands

cake [keek] populaire sponsachtige dikke koek, voorkomend in de vele vormen en variaties. In beginsel bestaande uit ongeveer gelijke delen boter, bloem en suiker, per 75 g bloem een ei. Meng boter, suiker en eieren grondig dooreen tot glad beslag, roer bloem en een snufje zout erdoor, en voeg eventuele smaakjes en vullingen toe (gekonfijte vruchtjes, een essence, cacao, gesnipperde amandelen, rozijnen, rum of iets dergelijks). Stort het geheel in een ingevette, met bloem bestoven bakvorm (niet meer dan halfvol), en bak in oven bij 180C, 20-75 minuten, afhankelijk van de dikte. Rustig deels af laten koelen in oven.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

cake ‘zachte koek’ -> Indonesisch kék ‘zachte koek’.

Dateringen of neologismen

F. Bakker, E. van Ruijsendaal, P. Uljé, D. van Zijderveld, Vindpunt.nl – elektronisch doorzoekbare Woordenlijst Overbodig Engels met Nederlandse tegenhangers, uitgebreide en verbeterde voortzetting van de boekuitgaven Funshoppen in het Nederlands (2009) en Op-en-Top Nederlands (2015)

cake zn. Ontleend aan het Engels.
[alg.] = serievuurwerk, pyrosliert, vuurwerkpot. Vuurpijlen zijn uit, serievuurwerk is in.

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

cake zachte koek 1761 [Aanv WNT] <Engels

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal