Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

broodwinner - (kostverdiener; klein lijzeil)

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

broodwinner s.nw.
Persoon wat 'n gesin van voedsel voorsien, of persoon wat vir die onderhoud van 'n gesin sorg.
Uit Ndl. broodwinner (1871), of uit brood en winner, as leenvertaling van Eng. bread-winner (1821).

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

broodwinner ‘kostverdiener; klein lijzeil dat met flauwe koelte aangespannen wordt (zo genoemd omdat dit zeil de werking van de wind vergroot)’ -> Deens brødvinder ‘razeil dat de werking van de wind op het achterschip vergroot’; Zweeds † brotvindare ‘soort razeil dat de werking van de wind op het achterschip vergroot’.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal