Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

Boskoop - (geografische naam)

Thematische woordenboeken

G. van Berkel & K. Samplonius (2018), Nederlandse plaatsnamen verklaard

Boskoop (Alphen aan den Rijn, ZH)
1222 Buckescop1, 1233 Bockiscope2, 1242 Bukscoep3, 1280-1287 boescoep4, 1573 Boeskoep5; cope 'gekocht land, veenconcessie, veenontginning' van de persoon Bucke, Bocke.
Lit. 1OBHZ 423, 2Idem 543, 3Idem 625, 4Corpus Gysseling I 516, 5krt Sgrooten.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

Boskoop ‘Nederlandse plaatsnaam bekend om zijn tuinbouw; naam voor een appelsoort’ -> Duits Boskop (ook: Boskoop) ‘appelsoort’; Deens belle de Boskoop ‘appelsoort’ <via Frans>; Frans boskoop ‘appelsoort’; Pools Boskop ‘appelsoort’.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal