Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

bonkes - (kort tabakspijpje)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

bonkes* [kort tabakspijpje] {1771} van bonk [knook], op grond van enige gelijkenis met het (oorspr. korte, wit stenen) pijpje, en met het achtervoegsel dat we tegenkomen in bv. brommes, dreumes, dat een wat goedig verkleinende suggestie geeft.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

S.P.E. Boshoff en G.S. Nienaber (1967), Afrikaanse etimologieë, Die Suid-Afrikaanse Akademie vir Wetenskap en Kuns

honkes [+]: dim. bonkessie, “tabakspypie”; herk. vlgs. WNT onseker, maar Hob-Job se afl. v. buncus/bunco uit Mal. bungkus (lees: boengkoes), “opgerol”, wsk. juis, deur Hes (HA) aanvaar en deur Frank (TB) aangevul i.v.m. die gebr. v. boengkoes as ww.; v. ook seroet I.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal