Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

bonificatie - (vergoeding, schadeloosstelling)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

bonificatie zn. ‘vergoeding, schadeloosstelling’
Nnl. bonificatie [1847; Kramers].
Ontleend aan Frans bonification ‘verbetering’ [1584], later ook ‘vergoeding, bonus’, afleiding van het werkwoord bonifier ‘verbeteren’ < Italiaans bonificare ‘verbeteren, voorspoedig zijn’ < middeleeuws Latijn bonificare ‘goed maken’ [1260-70]. Dit is afgeleid van Laatlatijn bonificus, variant van Latijn beneficus ‘weldadig, vriendelijk’, zie → benefiet.
Sinds 1923 wordt bonificatie ook als sportterm gebruikt met als betekenis ‘puntenvoordeel of tijdaftrek, toegekend aan de snelste renners in een bepaalde rit’ (Coster 1992).

EWN: bonificatie zn. 'vergoeding, schadeloosstelling' (1847)
ANTEDATERING: bonificatie 'vergoeding' [1796; Dagverhaal 3, 142]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

Thematische woordenboeken

N. van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

bonificatie (Frans bonification)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal