Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

bombazijn - (soort stof)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

bombazijn zn. ‘soort stof’
Vnnl. bombasijn ‘stof van zijde en katoen’ [1574; Kil.], bombasijn, boombasijn, boom-wolle ‘bombazijn’ [1599; Kil.].
Ontleend aan Frans bombasin ‘id.’ [14e eeuw] < Italiaans bambagino, verwant met Latijn bombȳx ‘zijde’ < Grieks bómbux. Zie voor een latere afleiding onder → bombast.
In het Vroegnieuwnederlands werd de naam in verband gebracht met het zn. boom (zie Kil. 1599) en daardoor betekende het ook boomzijde of boomwol, dus ‘katoen’. Vroeger werd katoen ook gebruikt bij de vervaardiging van bombazijn.
Lit.: De Bruijn-van der Helm 1992

bombazijn zn. 'soort stof' (1574)
ANTEDATERING: bombesijn 'katoen' [1567; Nomenclator, 198b]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

bombazijn [weefsel] {bo(o)mbasin 1574} < frans bombasin, o.i.v. bon [goed] < italiaans bambagino, van bambagia [katoen] < laat-latijn bambax < laat-grieks pambax [katoen], verwant met bombux [zijderups].

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

bombazijn znw. o., sedert Kiliaen, evenals nhd. bombasin, ne. bombasine < fra. bombasin < lat. bombacium < gr. pambákion ‘weefsel van katoen, ook van wol, kameelhaar en zijde’ < perz. pänbä ‘katoen’.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

bombazijn znw. o., sedert Kil. Evenals nhd. bombasin m., eng. bombasine uit fr. bombasin, een rom. afl. van mlat. bombax “katoen”, dat als contaminatieproduct van gr.-lat. bombyx “zijderups, zijde” en bambax “katoen” (beide uit ʼt Perz.) verklaard wordt.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

bombazijn o., uit Fr. bombasin: z. bazijn.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

F. Debrabandere (2011), Limburgs etymologisch woordenboek: de herkomst van de woorden uit beide Limburgen, Zwolle

bommezien, zn.: bombazijn. Door assimilatie mb > mm uit bombazijn < Fr. bombasin.

F. Debrabandere (2010), Brabants etymologisch woordenboek: de herkomst van de woordenschat van Antwerpen, Brussel, Noord-Brabant en Vlaams-Brabant, Zwolle

bommezij, zn.: bombazijn. Door assimilatie mb > mm uit bombazijn < Fr. bombasin < It. bambagino, afl. van bambagia ‘katoen’.

F. Debrabandere (2007), Zeeuws etymologisch woordenboek: de herkomst van de Zeeuwse woorden, Amsterdam

bommezien zn.: bombazijn, sterk katoenen weefsel. Door ass. mb/mm < Fr. bombasin. Ontleend aan Lombardisch (Milanees) bombasin, naast It. bombagino ‘katoen’ < bambagia < Mlat. bambax < Gr. pambax ‘katoen’. Verwant met bombyx ‘zijdeworm’.

F. Debrabandere (2005), Oost-Vlaams en Zeeuws-Vlaams etymologisch woordenboek: de herkomst van de Oost- en Zeeuws-Vlaamse woorden, Amsterdam

bazijn (ZO), zn. m.: bombazijn (stof). Door aferesis uit bombazijn < Fr. bombasin. Of rechtstreeks uit Mfr. basin (1585, 1642), basine 1396, door aferesis uit Mfr. bombasin, bombasine (1556), waarvan de eerste lettergreep als het bn. bon 'goed' begrepen werd. Ontleend aan Lombardisch (Milanees) bombasin, naast It. bombagino 'katoen' < bambagia < Mlat. bambax < Gr. pambax 'katoen'. Verwant met bombyx 'zijdeworm'.

bommezijn (W), bommezien (ZV), zn. m.: bombazijn, sterk katoenen weefsel. Fr. bombasin. Zie bazijn.

Thematische woordenboeken

N. van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

bombazijn (Frans bombasin)

C.H.Ph. Meijer (1919), Woorden en uitdrukkingen verklaard door Dr. C. H. Ph. Meijer, Amsterdam

Bombazijn, ook Bommezijn, benaming van een geweven stof, uit fr. bombasin, mlat. bombasinum, dat terug moet gaan op den naam van een stad in Syrië (Mambidj), dus waarsch. een b.nw., van dien naam gemaakt, vgl. Deventersch voor Deventersch tapijt. Zie Museum, 2, 91.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

bombazijn ‘gekeperde halfzijden katoenen of wollen stof’ -> Noors bommesi ‘weefsel’ (uit Nederlands of Nederduits); Russisch bumazéja ‘gekeperde halfzijden katoenen of wollen stof’; Oekraïens bumazéja ‘gekeperde halfzijden katoenen of wollen stof’ <via Russisch>; Azeri pamazi ‘gekeperde halfzijden katoenen of wollen stof’ <via Russisch>.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

bombazijn weefsel 1574 [Toll.] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal