Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

boleet - (paddestoel uit het geslacht Boletus)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

boleet zn. ‘paddestoel uit het geslacht Boletus
Nnl. bolētus ‘eetbare paddestoel’ [1912; Kuipers], boleet [1952; Koenen].
Vrij jonge ontlening aan Latijn bōlētus ‘champignon, paddestoel’ < Grieks bōlítes ‘eetbare paddestoel’.
Door de late ontlening wordt de te verwachten, echt Nederlandse ontwikkeling naar *bult (bōlētus > *bulita- > *bult) in het nnl. niet aangetroffen; dit is wel het geval in ohd. buliz ‘truffel’ [10e eeuw] > nhd. Bülz, Bilz [18e eeuw], thans Pilz ‘paddestoel’. Een vroegere Nederlandse ontlening is evenwel mnl. bulte ‘boleet’ [1477; Teuth.], wrsch. uit het Duits.

EWN: boleet zn. 'paddestoel uit het geslacht Boletus' (1912)
ANTEDATERING: boletus 'soort paddestoel' [1778; Chomel]
Later: bij duizenden gevonden in Boleten (over bepaalde insecten) [1854; Herklots 2, 31] (EWN: 1952)
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

boleet [buiszwam] {boletus 1901-1925, boleet 1926-1950} < latijn boletus [champignon] < grieks bōlitès [boleet], van bōlos [kluit].

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

boleet buiszwam 1901 [KUI] <Latijn

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal