Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

bokaal - (grote beker)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

bokaal zn. ‘grote beker’
Mnl. bocael ‘drinkbeker’ [1451; MNHWS].
Ontleend aan Frans bocal of Italiaans boccale ‘drinkbeker’ < middeleeuws Latijn baucalis ‘vat om wijn of water koel te houden’ < Grieks baúkalis ‘id.’, waarvoor wel Egyptische oorsprong wordt aangenomen.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

bokaal [grote beker] {bocael 1451} < frans bocal < italiaans boccale [idem] < latijn baucalis [lemen koelvat] < grieks baukalion [aarden koelvat].

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

bokaal znw. m., eerst bij Kiliaen vermeld < fra. bocal ‘dikbuikig glas’ (in de 16de eeuw) < ital. boccale < lat. baucalis ‘lemen koelvat’ < gr. baúkalis ‘vaatwerk’. Het duitse woord pokal werd in de 16de eeuw ontleend (met substitutie van p voor b zoals in pilz, posaune); daaruit nl. pokaal.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

bokaal znw., sedert Kil. Gaat via fr. bocal of it. boccale op lat. baucalis > gr. baukalion “aarden vat” terug. Uit ’t It. of Fr. ook nhd. pokal m., waaruit weer de. zw. pokal.

C.B. van Haeringen (1936), Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Supplement, Den Haag

bokaal. De nevenvorm pokaal wsch. naar hd. pokal; pocol (1670) onder invloed van lat. pôculum ‘beker’?

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

bokaal v., uit Fr. bocal dat met It. boccale, van Mlat. baucale. Gr. baúkalis = kruik: een Egypt. w.

Thematische woordenboeken

N. van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

bokaal (Frans bocal)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

bokaal ‘grote beker’ -> Zuid-Afrikaans-Engels bokaal ‘grote beker’ <via Afrikaans>.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

bokaal grote beker 1451 [HWS] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal