Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

bitterglaasje - (aftreksel van het hout van kwasibita)

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

J. van Donselaar (1989), Woordenboek van het Surinaams-Nederlands, Muiderberg

bit’terglaasje (het, -s), (ook:) aftreksel van het hout van kwasibita*, gebruikt tegen koorts en spierpijn. Het hout, dat erg bitter smaakt, wordt mortierachtig uitgesneden en in de vooravond gevuld met water. De volgende morgen is er een bitter aftreksel ontstaan, dat wordt gebruikt tegen koorts en spierpijnen. Door dit aan te vullen met een mengsel van water en alcohol krijgt men een zgn. bitterglaasje dat als amarum wordt gebruikt (Enc.Sur. 199). - Etym.: Zie het cit. Het woord wordt ook gebr. in de AN bet.: glaasje waaruit ‘bitter’ (d.i. jenever met ‘bitter’) wordt gedronken. - Zie ook: kwasibitabeker*.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal