Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

billenbeffer - (homosexueel)

Thematische woordenboeken

M. De Coster (2007), Groot scheldwoordenboek: van apenkont tot zweefteef, Antwerpen

billenartiest; billenbeffer, billenmaat, billenvrijer, billenwerker: homoseksueel. Refereert aan de anale fixatie.

Ik zal zo’n minuut of twintig in die kroeg hebben gesteund, dat die billenwerker weer binnenkomt, maar niet met die kerel der bij. (Haring Arie, Recht voor z’n Raap, 1972)
Je bent helemaal geen gevoelige, subtiele en integere kleinkunstenaar, je bent een ordinaire discosnol, een struikendel, een variétéhoer, een kontebeuker, een reetkever, een rugartiest, een billebeffer, een holpiraat! (Robert Long & Cees van der Pluijm, Hete klippen, 1991)
Toen Pim me op de lijst had gezet, dachten veel mensen dat ik homo was. Ze noemden mij zijn holmaat. Billenmaat, heb ik ook gehoord. (Nieuwe Revu, 10/07/2002)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal