Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

bewoud - (macht, bestuur)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

bewoud* [macht, bestuur] {1767} nevenvorm van middelnederlands bewelt [geweld, macht], met ander voorvoegsel geweld.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

F. Debrabandere (2010), Brabants etymologisch woordenboek: de herkomst van de woordenschat van Antwerpen, Brussel, Noord-Brabant en Vlaams-Brabant, Zwolle

bewend, zn.: lichaamskracht. Met n-epenthesis uit bewoud.

bewoud, zn.: verstand, bewustzijn, besef; fysieke kracht, gevoel. Normale vorm naast Mnl. bewelt ‘macht, gebied, bezit’ (Stallaert), vgl. geweld naast Mnl. gewout, D. Gewalt. De dialectische betekenis ‘besef’ is dus overdrachtelijk voor ‘geestelijk bezit, mentale beheersing’. Vgl. Mnl. beweldigen ‘overmeesteren’, D. bewältigen ‘aankunnen, oplossen, verwerken, afhandelen’.

A.A. Weijnen (2003), Etymologisch dialectwoordenboek, Den Haag

bewoud kracht om iets te verrrichten (Bunschoten). Met ander voorv. dan gewoud ↑.
Nagel e.a. 58.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal