Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

besnijden - (door snijden vormen, bewerken)

Thematische woordenboeken

J. van de Kamp en J. van der Wijk (2006), Koosjer Nederlands: Joodse woorden in de Nederlandse taal, Amsterdam; inclusief ongepubliceerde aanvullingen door de auteurs

besnijden (mv.: besneden), besnije: de voorhuid wegnemen, in het Verbond van Abraham opnemen; besnedenheid: aldus behandeld lid; besnijder: iem. die deze operatie verricht (zie: mool); onbesnedene: niet-jood (zie: orel). ■ Daar wordt een jodenkind besneden: daar gebeurt iets wat men niet zien mag, daar is iets niet pluis [WNT]

— Velen toonden hun verbondenheid met de joodse tradities [...] alleen nog maar bij drie op zichzelf belangrijke zaken: zij lieten hun huwelijk joods inzegenen; zij lieten hun zoontjes besnijden (een bijzonderheid in Nederland was dat bij rijk en arm de besnijder belangeloos zijn diensten verleende), én de familie wist dat zij begraven wilden worden op een joodse begraafplaats. (MOZES HEIMAN GANS, 1985)
— Gek, zo’n korte jurk. Als je goed oplet kun je Saartjes dijbenen zien. Zou ze ook besneden zijn? Hoe zouden ze dat doen, bij meisjes? Ik heb er nooit van gehoord, en durf het ook niet te vragen. Maar hoe kunnen ze anders zien dat vrouwen joods zijn? Saartje zal het misschien wel weten. Ze is reuzeknap op school. (SAL SANTEN, 1987)
— Kapelaan G.M.A. Jansen sneed het tere punt aan van de gedoopte kinderen. Dat was niet gebeurd uit ‘zieltjeswinnerij’ zoals van joodse zijde was gesuggereerd, betoogde de kapelaan, maar het betrof hier een daad uit ‘gevoelens van Nederlanderschap’. Desondanks: gedoopt bleef gedoopt, vond hij, terwijl opperrabbijn Tal van mening was dat besneden besneden bleef. (ELMA VERHEY, 1991)
— Wat wilden ze van hem? Dat hij in een joodse praatgroep ging? Dat hij zijn besnedenheid uit zijn gulp liet hangen? Besnedenheid, dat was een mooi woord. Bijna Reviaans. (DAPHNE MEIJER, 1993)
— “Wat vraag je voor die ouwe kas?” vraagt ’n onbesnedene. “Niks te koop, baas,” zegt Sjolem. “Waarvoor staattie d’r dan?” “Omdat-ie vier pote het.” (M. DE HOND, 1926)

Zie ook jitsen, mallen

K. van Dalen-Oskam & M. Mooijaart (2005), Nieuw bijbels lexicon: woorden en uitdrukkingen uit de bijbel in het Nederlands van nu, uitgebreid met De Nieuwe Bijbelvertaling, Amsterdam

Besnijdenis, in de bijbel het wegsnijden van de voorhuid van de jongens van het joodse volk als teken van het verbond tussen de gelovigen en hun God; daarbuiten ook van toepassing op het vergelijkbare ritueel bij Moslimjongens en -meisjes, bij wie delen van de geslachtsdelen worden weggesneden.
Besneden, van de voorhuid ontdaan, zowel gezegd van de persoon als van het geslachtsdeel.

Het woord besnijden met afleidingen in de specifieke rituele betekenis heeft ongetwijfeld via de bijbel en verwante teksten in het Nederlands rechten verworven. In de bijbel wordt deze voor het volk van Israël verplichte behandeling voor het eerst genoemd in Genesis 17:10-12 waarin God een verbond met Abraham sluit: 'In elke generatie opnieuw moet iedereen van het mannelijk geslacht besneden worden wanneer hij acht dagen oud is' (NBV). Het citaat uit Exodus betreft de min of meer onder druk verrichte besnijdenis van de zoons van Mozes, waar zijn vrouw Zippora niet gelukkig mee leek te zijn. Zie ook Voorhuid.

Rijmbijbel (1271), v. 21342-44. Ten .viij.tende daghe so waest / Tkint besneden. / Ende men hiet ihesus dar ter steden. (Op de achtste dag werd het kind besneden, en men noemde het toen Jezus.)
Statenvertaling (1637), Exodus 4:26. Doe seyde sy, Bloet-bruydegom, van wegen de besnijdenissen.
Hun muziek [van de Bantavolkeren in de Centraalafrikaanse Republiek] voor ceremonies als besnijdenis, huwelijk en begrafenis. (De Standaard, dec. 1995)
Ik weet nog dat ik voor de eerste keer een besneden lul zag. Ik had zoiets van: 'hé, er klopt hier iets niet'. (Playboy, okt. 1995)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

besnijden ‘door snijden vormen, bewerken’ -> Negerhollands besni ‘door snijden vormen, bewerken’.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal