Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

belastingsticker - (plakker op autokenteken)

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

J. van Donselaar (1989), Woordenboek van het Surinaams-Nederlands, Muiderberg

belas’tingsticker (de, -s), 1. sticker die als bewijs voor de betaling van een kalenderjaar autobelasting verkregen wordt en die geplakt moet worden in een hoek van het nummerbord (penning*) aan de voorzijde van de auto. Om te voorkomen dat b.v. garagehouders ’t onderste uit de kan vragen mag elke klant maar één auto inruilen. De zaak geeft ook de belastingsticker voor 1982 cadeau. Aantrekkelijk aanbod (WS 19-6-1982). - 2. nummerplaat van auto met stikker als 1.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal