Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

beha - (bustehouder)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

beha zn. ‘bustehouder’
Nnl. reformkorsetten en bustehouders [1902; WNT reform I], b-h-tje [1950; Dale], behaatje [1955; WNT Aanv.], beha [1959; WNT Aanv.].
Letterwoord, als eufemisme ontstaan als afkorting van bustehouder, gevormd uit → buste en een afleiding van het werkwoord → houden ‘vasthouden, ophouden’, een leenvertaling van Frans soutien-gorge, letterlijk ‘bustesteun’, misschien via Duits Büstenhalter.
Een combinatie van → corselet (in bovengenoemd citaat nog reformkorset genoemd) plus bustehouder werd als vervanging voor het in die tijd nog gebruikelijke, maar vrouwonvriendelijke → corset gelanceerd door de Française Herminie Cadolle (1845-1926). Het bovenstuk noemde zij corselet-gorge, later soutien-gorge. Haar eerste winkel opende ze in Buenos Aires in 1887 en toen in Parijs in 1889. Wijde verbreiding kreeg de beha door de Reformbeweging (1886-1910).

EWN: beha zn. 'bustehouder' (1902)
ANTEDATERING: Hygiënische Bustehouder [1896; NvdD 10/8]
Later: een B.h.tje [1935; Vaderland 26/9] (EWN: 1950); behaatjes [1944; De gil (KB) 30/8] (EWN: 1959)
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

beha [bustehouder] {na 1950, vgl. b-h-tje 1926-1950} oorspr. letterwoord b.h. voor bustehouder, later als beha geschreven.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

beha ‘bustehouder’ -> Indonesisch béha ‘bustehouder’; Balinees béha ‘bustehouder’; Jakartaans-Maleis béha ‘bustehouder’; Madoerees beha ‘bustehouder’; Menadonees béha ‘bustehouder’; Minangkabaus beha ‘bustehouder’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

beha bustehouder 1950 [Aanv WNT] <L

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal