Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

bcbg - (snobistisch)

Dateringen of neologismen

M. De Coster (1999), Woordenboek van Neologismen: 25 jaar taalaanwinsten, Amsterdam

BCBG (Fr. acron. van bon* chic bon genre), snob; snobistisch. Sinds het midden van de jaren tachtig populair geworden etiket voor parvenu’s met dure merkkleding. Ook als bijvoeglijk naamwoord. Vaak pejoratief gebruikt.

Teneinde je te onderscheiden van de grauwe gedemocratiseerde massa ben je BCBG, zijnde de afkorting van ‘Bon Chic Bon Genre’, wat in het Nederlands zou moeten leiden tot een slappe vertaling als Goede Sier Goede Soort. (De Volkskrant, 19/07/86)
En dan moest je er nog de hordes Brie-etende BCBG’ers en champagne-lurkende vice-acount-executives van de Firma Flut & Co bijnemen. (Humo, 18/12/86)
Het prototype van de vervelende nieuwe lichting BCBG-pop. (Fabiola, maart 1987)
De BCBG’s waren proklerikaal en in elk geval niet anti-materialistisch. (Man, april 1987)
Het grote succes van de beroemde B.C.B.G. (Bon Chic Bon Genre) en de yuppie-stijl wijst op de wens om zich te afficheren als een welgestelde jongeling met een veelbelovende toekomst. (Snoecks 1989)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal