Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

baggedet - (vuile, dikke, slonzige vrouw)

Thematische woordenboeken

M. De Coster (2007), Groot scheldwoordenboek: van apenkont tot zweefteef, Antwerpen

baggedet: (in Vlaanderen) vuile, dikke, slonzige vrouw. In homotaal ook voor een dikke, onaantrekkelijke homo. Afgeleid van het zeventiende-eeuwse woord paggadet (in West-Vlaanderen ook nog voorkomend in de vormen pagadette of pauwedette voor een modepop). Een verband met het Bargoense pagadet (opgedirkt, pronkziek mens) valt niet uit te sluiten. Ook een afleiding van bagge (vrouwelijk wild zwijn) is mogelijk. Maar hoogstwaarschijnlijk heeft het te maken met de oude betekenis van pagadet: een oosterse duif met een vlezig gewas op de neus en om de ogen en met een lange hals. In zeventiende-eeuwse kluchten werden prostituees wel eens vergeleken met dergelijke ‘pagadetten’: gekleed volgens de laatste mode en met een lange hals. Het vlezige gewas van een pagadet heeft wellicht bijgedragen aan de associatie van een baggedet met een dikke, slonzige vrouw. O.a. vermeld door De Cock. Zie ook pagadet*.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal